Seksueel
grensoverschrijdend gedrag (GOG) door hulpverleners binnen tbs klinieken
Laatste update: 15
februari 2006
Ondanks het feit dat seksueel grensoverschrijdend gedrag (GOG) door hulpverleners binnen tbs
klinieken regelmatig voorkomt, is het meer de uitzondering dan de regel dat
dergelijke gebeurtenissen publiek worden. Enerzijds is dit begrijpelijk,
anderzijds is het buitengewoon kwalijk en daarom ook niet acceptabel. Het thema
‘GOG door hulpverleners binnen tbs instellingen’ is een beladen onderwerp.
Directies van tbs klinieken stoppen dergelijke gebeurtenissen dan ook liefst in
de bekende doofpot in plaats van de problematiek bespreekbaar te maken, gericht
op preventie in de toekomst. Naast de doofpot ‘GOG door hulpverleners’ worden
ook andere doofpotten goed bewaakt binnen ons tbs systeem. Bij het thema ‘suïcide binnen tbs klinieken’ gaat het o.a. ook om zo een
doofpot. Hierover binnenkort meer… (Helaas beschikt het ministerie van justitie
nog niet over de cijfers betreffend suïcides gepleegd binnen de tbs-sector in
2004. Aanvulling dd. 23
augustus 2005.) Onderstaand treft u al enkele nieuwsberichten over seksueel grensoverschrijdend gedrag door
hulpverleners werkzaam binnen tbs-klinieken aan. Binnenkort zullen wij nog
diverse verdere nieuwsberichten die in het verleden over dit thema zijn
verschenen, publiceren. Tevens zullen wij enkele pagina’s uit het werk ‘Onder Dwang’ (Humphrey Ludwig & Rik Blom, 2001)
publiceren waarin het thema ‘seksueel GOG binnen tbs-instellingen’ als een van
de vormen van machtsmisbruik die binnen de tbs-sector door stafleden worden
gepleegd, aan bod komt. Daarnaast zullen wij diverse interessante stukken
afkomstig uit het Rijksrecherche
onderzoek dat in
NIEUW!
Het seksschandaal in de Van
Mesdag kliniek te Groningen (1999)
Sex, Drugs en Rock
in de TBS-kliniek zoals in januari
Met dank aan de
Nieuwe Revue voor het verlenen van toestemming deze belangrijke reportage op onze
site te mogen plaatsen!
Veelvuldig
seksueel grensoverschrijdend gedrag (GOG) in tbs-kliniek Flevo
Future te Amsterdam (2005/2006) Deze rubriek zal op donderdag 16 februari 2006 ontstaan. U zult dan alle tot dan
verschenen publicaties betreffend ‘veelvuldig
seksueel GOG in tbs-kliniek Flevo Future,
vestiging Amsterdam’, in chronologische volgorde, aantreffen. U treft nu al
diverse links naar publicaties over dit onderwerp aan.
Flevo Future Amsterdam: veelvuldig
seksueel GOG door hulpverleensters met patiënten 2005/2006 (Introductiepagina publicatie PANORAMA dd.
8 februari 2006; publicatie van de het hele artikel verwacht: omstreeks
15 februari 2006)
TBS 2005: SEKS, DRUGS & ROCK’N ROLL -- 24 september 2005 – Redactie Misbruik door
Hulpverleners (MdH) --
Een
bijdrage van onze redactie aan de lopende discussie over ons tbs-systeem. Verzoek aan onze minister van Justitie, mr.
Piet Hein Donner m.b.t. bestaande, structurele problemen binnen de tbs-sector.
Over
seksueel grensoverschrijdend gedrag (GOG) door hulpverleners in tbs-klinieken
en problemen rondom het smokkelen en het gebruik van alcohol en drugs in de
tbs-sector. Dit in reactie op de
momentele problemen in de Groningse Van
Mesdagkliniek waar men de afgelopen jaren hard werkte aan verbeteringen
nadat de Inspectie voor de
Gezondheidszorg in 1999 omwille van het feit dat toen vijf hulpverleensters
een relatie met een ter beschikking gestelde patiënt waren aangegaan, een
uitgebreid onderzoek had ingesteld. Het momenteel lopende onderzoek i.v.m. het
smokkelen van alcohol door een
medewerker van de Van Mesdag kliniek
maakt helaas duidelijk dat de inspanningen van de afgelopen 6 jaar om
verbetering aan te brengen sinds de resultaten van het Rijksrecherche onderzoek
bekend werden, weinig hebben opgeleverd. Daarnaast zullen wij enig zicht geven
op de problematiek ‘seksueel GOG door hulpverleners binnen tbs klinieken’. Met toenemende bezorgdheid vermoeden wij
dat het probleem binnen de tbs-sector vaker speelt dan binnen de GGZ in het
algemeen. Binnen de GGZ, zo neemt men gebaseerd op wetenschappelijk
onderzoek aan, ligt het percentage hulpverleners dat over de schreef gaat (circa 15%) door ontucht met misbruik
van gezag te plegen met patiënten ongeveer 5% hoger dan binnen de
gezondheidszorg in het algemeen (10%).
Enkele dagen geleden attendeerden wij de
ministers Donner en Hoogervorst al d.m.v. een
brief erop dat dit thema
dringend aandacht behoeft. Over de cijfers voor seksueel GOG door hulpverleners
in tbs klinieken heeft het ministerie
van Justitie na drie maanden helaas nog steeds geen openheid gegeven. Wij
hebben enkele gegevens geanonimiseerd gepubliceerd waaruit blijkt dat dit thema
heel dringend aandacht behoeft.
|
Om een voorbeeld te geven… wat
betreft het onderwerp ‘seksuele grensoverschrijdend gedrag (GOG) binnen
tbs-klinieken, hebben wij onderstaand enige informatie die ons bereikte op
een rij gezet. De feiten die ons bekend zijn, hebben wij geanonimiseerd. Zes
scenario’s van seksueel GOG: 5 ter beschikking gestelde patiënten en 5
plegers van seksueel GOG binnen 2 tbs-klinieken: 1.
Patiënt 1 had met hulpverleenster A een relatie in tbs kliniek X (eind jaren
‘90) 2.
Patiënt 2 had met hulpverleenster B een relatie in tbs kliniek X (eind jaren
‘90) [verdere 2 c.q. 3 gevallen van GOG gedurende dezelfde tijd in kliniek X
alhier niet genoemd]. 3.
Patiënt 2 had met hulpverleenster C een relatie in tbs kliniek Y (omstreeks
02/03) 4.
Patiënt 3 werd door hulpverleenster D seksueel geïntimideerd in tbs kliniek Y
(omstreeks begin 2005) 5.
Patiënt 4 werd verbaal en visueel lastig gevallen door hulpverleenster E in
tbs kliniek Y (omstreeks augustus 2005) …
enkele weken geleden, direct na overplaatsing naar een andere afdeling... 6.
Patiënt 5 werd geconfronteerd met ‘de gevoelens van verliefdheid’ van
hulpverleenster E in tbs kliniek Y (omstreeks augustus 2005) |
Hoe gaat men met de problematiek GOG
binnen tbs-klinieken om? Voortzetting van seksueel misbruik onder het wakend
(lees: slapend) oog van justitie:
(…). In theorie houdt het in dezen gevoerde
beleid in dat werknemers die seksueel misbruik met patiënten plegen
onmiddellijk ontslagen worden. Zo hoort het ook. Immers, meer dan de helft van
de plegers van GOG lijdt aan een of meerdere ernstige stoornissen. Daarmee
willen wij onze meest ernstig gestoorde psychiatrische patiënten toch wel niet
opzadelen?! Zij behoeven immers juist bijzonder goede zorg. Toch vrezen wij dat
de praktijk op dit punt niet bij de theorievorming aansluit. Het werd ons
bekend dat toen in 1999 hulpverleners die seksueel misbruik hadden gepleegd met
patiënten simpelweg naar een andere kliniek werden overgeplaatst – waarmee het
probleem geenszins kon worden opgelost. Het probleem werd alleen maar
verplaatst. Het ministerie zou er dan
ook goed aan doen om bij overplaatsing na GOG het vervolg in retrospectie te
gaan volgen. In veel of zelfs de meeste gevallen zal namelijk blijken dat met
de overplaatsing van het personeelslid dat over de schreef ging ook het
probleem van seksueel misbruik van de ene naar de andere kliniek werd
doorgegeven. (…). Hulpverleenster E werd onlangs op non-actief gesteld.
Helaas is het ook in haar geval de bedoeling haar gewoon over te plaatsen naar
een andere kliniek. Aangezien het thema ‘seksueel grensoverschrijdend gedrag
(GOG) door hulpverleners’ in het algemeen al moeilijk bespreekbaar is, hetgeen
voor de tbs-sector in het bijzonder geldt, en omwille van de constatering dat
de patiënt in kwestie weken na dato nog niet weet wat er eigenlijk is gebeurd
en wat het naar hem toe gehandhaafde gedrag inhoudt omdat men niet de moeite
nam hem e.e.a. uit te leggen over gevoelens van overdracht en over
seksueel GOG door hulpverleners in het algemeen. Dit is helaas een nogal
typisch fenomeen binnen de gezondheidszorg. Zodra er sprake is van seksueel
grensoverschrijdend gedrag door een hulpverlener, kiest men helaas veelal
ervoor te doen alsof er niets aan de hand is. Aan de patiënt wordt dan ook geen informatie verstrekt die dringend
noodzakelijk zou zijn om het gebeurde beter te kunnen begrijpen en te kunnen
verwerken en die tevens noodzakelijk is om een verder ‘incident’ in de toekomst
te voorkomen. Men kiest ervoor ‘geen slapende honden wakker te willen maken’
i.p.v. al het mogelijke te gaan doen om verdere ‘incidenten’ te voorkomen.
|
Op de
vraag of de patiënt gedurende de afgelopen weken door de kliniek werd
geïnformeerd over het onderwerp was het antwoord ‘neen’. Zij hebben tegen hem
gezegd “Het mag eigenlijk niet maar het gebeurt wel”. Gebaseerd op deze
voorlichting zal weinig tot geen preventie mogelijk zijn, afgezien daarvan
dat de patiënt aan zo een opmerking ook niets kan hebben. Afgezien van het
feit dat de Inspectie al jaren predikt ‘Het mag niet, het mag nooit!’ en uit
het voorgaande helaas opgemaakt moet worden dat dit belangrijke zinnetje nog
steeds niet tot een ieder door is gedrongen, behoeft een patiënt die seksuele
intimidatie door een hulpverlener heeft ondergaan veel meer uitleg, aandacht
en zorg. Zelfs als de patiënt van mening is dat er geen seksuele intimidatie
heeft plaatsgevonden, is het van groot belang het gebeurde bespreekbaar te
maken. Men kiest er echter voor de patiënt achter te laten met zijn gevoelens
van ‘verliefdheid’. De professional
die over de schreef ging, wordt simpelweg overgeplaatst naar een andere afdeling,
naar een andere tbs-kliniek of naar een HvB (Huis
van Bewaring). De patiënt laat men volledig in de steek. Hij/zij mag het zelf
gaan uitzoeken wat uiteraard niet mogelijk is. |
Preventie
wordt dus in ieder geval in dit opzicht binnen tbs-klinieken zeer zeker niet
met hoofdletters geschreven. Dit is stuitend aangezien men zich toch juist met
preventie bezighoudt in tbs-klinieken! Zal patiënt 5 hetzelfde te wachten staan
als patiënt 2 die zich na overplaatsing door gebrek aan informatie niet ervoor
kon beschermen een verder incident mee te maken?
|
Neen,
in dit geval ontvangt de betreffende patiënt door ons de nodige informatie.
Daarnaast krijgt hij de kans over het gebeurde te spreken. Al gedurende het
eerste gesprek bleek hoe belangrijk het is informatie te verstrekken aan de
patiënt. Helaas bleek dat de patiënt de term ‘overdrachtsgevoelens’ nog niet
kende. De kliniek heeft al wekenlang alle mogelijke kansen gemist aan de
patiënt de in deze situatie minimale zorg te bieden door hem een luisterend
oor te bieden en hem te voorzien van de meeste essentiële informatie op dit
gebied. De informatie was zeer beperkt en tevens nogal waardeloos ‘Het mag eigenlijk niet maar het gebeurt
wel.’ Dit is een buitengewoon onprofessionele manier om met deze problematiek
om te gaan en tevens is een dergelijke reactie de perfecte voedingsbodem voor
verdere incidenten van seksueel grensoverschrijdend gedrag. De tbs-kliniek
heeft dus juist gefaald op een gebied waarin zij als een expert wordt
beschouwd. |
TBS beleid: “Problemen hebben wij niet
binnen de tbs-sector. Als het niet lukt de problemen algeheel te ontkennen, dan
verplaatsen wij die gewoon. Aan probleemoplossing doen wij niet”
Tbs-kliniek Y, plaatste eerder hulpverleenster D over naar een andere kliniek. Zij werd simpelweg overgeplaatst en met haar de grote kans m.b.t. recidive. Het is dan ook bijzonder opmerkelijk dat juist daar waar men dag in dag uit met het thema ‘kans op recidive’ bezig is, niet lijkt te weten dat de kans op recidive bij GOG door hulpverleners bijzonder groot is. Voor het merendeel van de hulpverleners dat zich schuldig maakt aan seksueel GOG geldt dat de kans op herhaling bij ongeveer 80% ligt. Dat noemt men dan ‘collegialiteit onder klinieken’ en ‘kwalitatief goede zorg’ voor patiënten… het probleem c.q. de tijdbom wordt gewoon verplaatst. Het derde geval van GOG had overigens met grote waarschijnlijkheid voorkomen kunnen worden indien een van de beide klinieken ooit de moeite had genomen aan de patiënt enige voorlichting te bieden. Helaas doen tbs-klinieken dat niet. (…). Bovendien worden ter beschikking gestelde slachtoffers van GOG door hulpverleners tevens met het probleem geconfronteerd dat zij in de meeste gevallen worden overgeplaatst en daardoor elders opnieuw moeten starten met de al begonnen of zelfs al bijna afgeronde therapie. Dit houdt in dat slachtoffers van GOG door het slachtoffer van een strafbaar feit te worden binnen de ‘veilige’ muren van een kliniek alleen al erdoor gestraft worden omdat hun behandeling binnen de tbs-sector ongeveer 1 á 2 jaar langer zal duren. Patiënten krijgen geen tot weinig kans over het gebeurde te kunnen spreken. Zij ontvangen geen informatie over het onderwerp en blijven om die reden ook veelal jarenlang ten onrechte met het idee rondlopen dat het gebeurde hun eigen schuld was waarbij zij net als iedere andere cliënt en/of patiënt die het slachtoffer wordt van GOG door een professional geen enkele verantwoordelijkheid dragen voor de professionele relatie die zij zijn aangegaan.
Een van veelvuldig seksueel GOG
verdachte psychiater te werk gesteld in een tbs-kliniek:
Volgens de veelal gelijkluidende
getuigenissen van de slachtoffers van Vincent Martin liet hij zich door zijn
patiënten tijdens de sessie masseren. Hij stelde voor een therapeutische
afspraak te maken in een sauna. De psychiater
mailde naar één van zijn patiënten: 'Mijn
allerliefste koekeloerepoezewoefske.' Dit bericht verzond hij vanuit het ministerie
van Justitie. Toen de psychiater in België al niet meer werkzaam mocht zijn als
psychiater en hij zijn functie bij het ministerie van Justitie al heeft moeten
opgeven, was het hem wel mogelijk om, hangende het onderzoek m.b.t. veelvoudig
seksueel misbruik van patiënten, een baan in Nederland te bemachtigen. Vincent Martin werd als psychiater in de
Nederlandse tbs-kliniek De Kijvelanden (Rotterdam) aangenomen… .
(…). De van meervoudig seksueel misbruik beschuldigde Vlaamse
psychiater had niet zomaar ‘een job’ in Nederland binnen de gezondheidszorg
gekregen maar het was hem mogelijk om in
een van de meest beveiligde instituten van ons land een baan te verkrijgen die
met veel verantwoordelijkheid gepaard gaat. Niet slechts in Vlaanderen, maar
daarna ook in Nederland, kon de van zedendelinquentie verdachte psychiater
zomaar aan de slag om met o.a. zedendelinquenten - oftewel ‘lotgenoten’ – aan het werk te
gaan. De Kijvelanden, een van onze tbs-klinieken, had dus blijkbaar geen
navraag gedaan wat betreft het professionele verleden van de psychiater. De
tbs-kliniek zadelde zichzelf met een behoorlijk probleem op door de uit ons
buurland afkomstige arts niet te screenen. Maar vooral bracht de kliniek
hiermede ook haar patiënten in gevaar. (…). Hoe zit het met de veiligheid van onze tbs-klinieken, hoe zit het met
de deskundigheid van het personeel? Hoe zit het met de zorgvuldigheid die men
betracht bij het aannemen van personeel en hoe zit het met de kwaliteit van de
zorg die men aan ter beschikking gestelde patiënten biedt? Een reeks vragen die wij bij dezen dan ook
graag aan de ministers Donner en Hoogervorst willen stellen en waarop wij hopen
een uitvoerig antwoord te mogen verkrijgen.
Het artikel ‘TBS: seks, drugs en rock’n roll’ hebben wij op 23
september jl. bij minister Donner onder de aandacht gebracht. Lees het hele artikel door op de link van
de titel van dit stuk te klikken.
Seksueel grensoverschrijdend gedrag (GOG) in tbs klinieken
-- 18
september 2005 – Redactie Misbruik door Hulpverleners (MdH) -- Het gaat bij deze publicatie om een
open brief aan de ministers Piet Hein Donner (justitie) en Hans Hoogervorst
(VWS). In onze brief stellen wij o.a.
de vraag waar de cijfers m.b.t. seksueel grensoverschrijdend gedrag (GOG)
door hulpverleners in tbs klinieken blijven op die wij nu al
ongeveer drie maanden lang wachten. Blijkbaar zijn zij nog steeds onvindbaar… ?
U kunt onze brief waarin wij stukken
uit het werk ‘Onder dwang: leven in een TBS-inrichting’ van Humphrey Ludwig & Rick Blom (herdruk: 16 september 2005) citeren, in onze rubriek PUBLICATIES MdH lezen. Volg
hiervoor de in deze alinea eerstgenoemde link.
Een van de citaten
uit ‘Onder dwang’: “Mijn situatie, die een behandelsituatie hoort te zijn, is
veranderd in een situatie van overleven. MDB’s (multi disciplinaire behandelbespreking [red.] en
vierwekelijkse evaluaties heb ik niet meer en er zijn allerlei spreekverboden
en verboden om te rapporteren. Ik ervaar de situatie als beangstigend en
penibel. Daar komt nog eens bij dat recentelijk de relatie van Mick met Susan
van S. en de relatie van Tony met Edith J. aan het licht is gekomen, relaties
waarvan ik ook op de hoogte was en waarin ik persoonlijk garant kan staan dat
Mick en Tony er de waarheid over spreken. Maar op een of andere manier lijken
er redenen te bestaan om er niet met verantwoordelijkheid en naar behoren mee
om te gaan. Ik vind, en daar sta ik zeker niet alleen in, de situatie zeer
vreemd maar blijf toch hopen op een uiteindelijke goede en correcte oplossing,
voor alle betrokkenen.”
Humphrey Ludwig: ,,Ik had een verhouding met mijn
sociotherapeute.'' (Titel in het NRC:
`Aan wapens en telefoons was simpel te komen': Een ex-tbs'er over zijn
ervaringen in een kliniek) – 22 augustus 2005 – NRC -- Olga van Ditzhuijzen -- UTRECHT -- Een ex-tbs'er schreef een vernietigend boek over het tbs-systeem. ,,Ik had een verhouding met mijn
sociotherapeute.'' Humphrey Ludwig (40) werd in 1991
veroordeeld tot vijf jaar gevangenisstraf en tbs, omdat hij zijn vrouw had
doodgestoken. Nadat hij drie jaar van zijn straf had uitgediend verbleef hij
vijf jaar in de Groningse Van
Mesdagkliniek en een jaar in de
kliniek `Flevo Future' in
Utrecht. In 2001 schreef Ludwig samen met journalist Rick Blom het boek ‘Onder dwang’ over het leven in
een tbs-kliniek. In het boek heeft hij kritiek op de dagelijkse praktijk. De
naam Humphrey Ludwig is een pseudoniem. ,,Ik
zat op de strengste afdeling van de Van Mesdagkliniek, zo één als de maatschappij
dat graag zou zien: we kregen alleen met veel moeite verlof. Ondanks het
strenge regime hadden toch drie personeelsleden een relatie met een van de
bewoners, waaronder ik. ,,Toen ik in de Van Mesdagkliniek zat, waren
ontsnappingen aan de orde van de dag. Elke maand was er wel iemand die te lang
wegbleef tijdens proefverlof. Meestal belde zo'n jongen een paar dagen later al
op, want ontsnappen heeft toch geen zin: je geld raakt op en je wordt gezocht.
Er zijn twee redenen om te ontsnappen: om de bloemetjes buiten te zetten of om
bij personeel beloftes af te dwingen over privileges, zoals het aantal keren
dat je op proefverlof mag. ,,Dat is voor het personeel een machtsmiddel.
Verloven werden naar willekeur uitgedeeld en ingetrokken, ik heb er nooit een
systeem in kunnen ontdekken. Zelf ben ik uitsluitend op begeleid verlof
geweest. Dat was niet erg, want ik had een verhouding met de sociotherapeute
die mij begeleidde. ,,De afdeling bestond uit elf mannen, met twaalf `stm-ers' (sociaal-therapeutisch
medewerkers, red.) om ons in de gaten te houden. Dat zijn een soort bewaarders
met een hbo- of mbo-opleiding in sociaal-pedagogische hulpverlening. Per dag
waren vier sociotherapeuten tegelijk aanwezig. Zij hebben veel invloed. Elke kliniek bepaalt zijn eigen beleid, dat
geldt ook voor elke afdeling. Op onze afdeling kon je van alles regelen, drugs
binnenhalen was zo eenvoudig dat het meestal gratis verkrijgbaar was. We hadden
goede contacten met de personeelsleden, die hoefden niet door detectiepoortjes.
Ook aan wapens en mobiele telefoons was simpel te komen. De meeste jongens
hadden veel geld, mijn WAO-uitkering liep ook gewoon door. Dat is inmiddels
afgeschaft. Maar we waren vrij om spullen te bestellen, sommigen kochten een
nieuwe tv of bankstel voor in hun cel. Als
je iets kwaads in de zin hebt tijdens een proefverlof, kan het makkelijk. Via
andere gedetineerden regel je dat er `buiten' een wapen beschikbaar is en wacht
je op een proefverlof. Het personeel heeft geen idee wat je in je schild voert.
De behandeling in de kliniek was minimaal: er was op elke afdeling één
psychiater, voor soms 22 patiënten. Dan is het onmogelijk om een goed beeld van
iemand te krijgen. ,,Ik had eens in de twee weken een afspraak. Zo'n gesprek
verliep dan als: ,,Hoe gaat het?'' ,,Nou, goed''. Ik heb wel veel gepraat over
mijn delict, maar over doelstellingen of adviezen hoe ik mijn gedrag zou kunnen
aanpassen werd niet gesproken. De rest van de tijd bracht ik door met
werken, metaalbewerking en studeren. Ik heb een aantal deelcertificaten voor
havo gehaald. Gedetineerden hebben daarom geen probleem met tbs. Het is net als
de gevangenis, maar dan iets luxer. Als tbs'er hoef je niet per se te werken of te studeren: sommigen zaten de hele dag
computerspelletjes te spelen. Het was goed mogelijk om anoniem de tijd uit te
zitten. Elke drie maanden werden mijn
`vorderingen' geëvalueerd. De conclusie luidde altijd: ,,We gaan op dezelfde
voet door''. Die evaluaties worden geschreven door stm-ers,
niemand controleert dat. Het personeel heeft veel macht over patiënten,
dezelfde rapporten worden gebruikt om de rechter te adviseren over verlenging
van de tbs-behandeling. ,,Ik was heel agressief
toen ik bij het Pieter Baancentrum kwam, de
observatiekliniek waar wordt beoordeeld of je gek bent. Ik gebruikte geweld
altijd als communicatiemiddel: waarom zou je met iemand onderhandelen als je
ook een pistool tegen zijn hoofd kunt zetten om je zin te krijgen? Bij mijn
arrestatie, op het politiebureau, kwam voor het eerst tot het besef dat wat ik
heb gedaan niet juist was. De rechercheur daar behandelde mij daar met een
mengeling van begrip en no-nonsense. Heel kalm en zonder onzin vertelde hij dat
ik de komende tijd in de gevangenis moest doorbrengen. De politie hield mij persoonlijk verantwoordelijk voor mijn daad.
,,Maar in het Pieter Baancentrum oordeelden de
psychiaters dat ik een persoonlijkheidsstoornis had en gedeeltelijk
ontoerekeningsvatbaar was. Het voelde als een bevestiging dat agressie was
toegestaan. De verantwoordelijkheid wordt afgeschoven op een ziektebeeld.
,,Tijdens mijn verblijf in de Van Mesdagkliniek heeft niemand opgemerkt dat ik
ben gearresteerd voordat ik mijn plan kon uitvoeren: na het doodsteken van mijn
ex wilde ik haar vriend opwachten om hem ook te vermoorden. Geen psychiater
kwam op het idee dat ik misschien nog steeds rondliep met dat plan.''
Therapeutes hadden relatie met tbs'ers -- 3 november 2003 -- Metro & Utrechts
Nieuwsblad – OOSTRUM -- Twee therapeutes
van tbs-kliniek De Rooyse Wissel in het Venrayse kerkdorp Oostrum
hadden een geheime liefdesrelatie met twee van hun patiënten. Dat bleek uit een
intern onderzoek van de kliniek. Een hulpverleenster wacht ontslag, de ander
had de kliniek al verlaten voordat de relatie aan het licht kwam. Relaties
tussen behandelaars en patiënten zijn strikt verboden.
Therapeutes
hadden relatie met tbs'ers – 1 november
2003 – De Telegraaf – Twee therapeutes
van tbs-kliniek De Rooyse Wissel in het Venrayse kerkdorp Oostrum hadden een geheime liefdesrelatie met twee van hun
patiënten. Dat blijkt zaterdag uit een intern onderzoek van de kliniek, zo
meldt een woordvoerder van de instelling. Een van de hulpverleensters wacht
ontslag, de ander had de kliniek al verlaten voordat de relatie aan het licht
kwam. Relaties tussen behandelaars en patiënten zijn strikt
verboden, onder meer vanwege het veiligheidsrisico. Volgens de directie van de kliniek zijn voorzover
bekend de veiligheid en de voortgang van de behandeling niet in het geding
geweest. De directie kwam vorige week achter het bestaan van de verhoudingen. Tijdens het
onderzoek naar de eerste liefdesrelatie die inmiddels was beëindigd, kwam de
tweede aan het licht. De therapeute en de patiënt hadden al anderhalf jaar in
het diepste geheim een verhouding. Na een intern onderzoek werd de therapeute
deze week met de feiten geconfronteerd. Zij gaf die toe en is sindsdien
geschorst. De therapeute zal worden ontslagen. Dat weerhoudt de hulpverleenster
er echter niet van haar relatie voort te zetten, meldde de directie.
Medewerkers
Mesdag niet vervolgd, nader onderzoek kwaliteit zorg volgt – Vrouw-vrouw misbruik -- 16 juli 1999 – Persbericht justitie – Het
ministerie van Justitie heeft kennis genomen van de beslissing van het openbaar ministerie om de vier medewerkers van de dr. S.
van Mesdagkliniek te Groningen, die werden verdacht van seksuele contacten met patiënten, niet verder
te vervolgen. Overigens is er wel aanleiding voor verder nader onderzoek door
de Inspectie voor de Gezondheidszorg naar de kwaliteit van de
zorg die in de Mesdag wordt verleend. Uit het vandaag afgeronde Rijksrecherche-onderzoek is onvoldoende bewijs naar voren gekomen terzake de
verdenking van ontucht van de medewerkers met een aantal patiënten. Het onderzoek van
de Rijksrecherche heeft wel twijfels gebracht over de mate van professioneel
gedrag van de vier medewerksters. Daarnaast roept een uitgevoerd bestuurlijk Rijksrecherche-onderzoek onder drie afdelingen van de
kliniek vragen op over de gang van zaken in de inrichting. Dit richt zich met name op communicatie en
organisatorische problemen. De Inspectie voor de Gezondsheidszorg
zal nader onderzoek verrichten naar de kwaliteit van de zorg in de Mesdag. De situatie in de
dr. S. van Mesdagkliniek is al langer bekend. Naar aanleiding van eerdere
incidenten en signalen en rapportages van de Centrale Raad voor de
Strafrechtstoepassing zijn er diverse voorzieningen getroffen. Vooruitlopend op de reorganisatie van de divisie
waar de problemen zich concentreren zijn er maatregelen genomen en in werking
getreden. Medewerkers zijn overgeplaatst en niet voldoende
functionerende leidinggevenden zijn van hun functie ontheven. Op dit moment wordt nadrukkelijk geïnvesteerd in de
opbouw van nieuwe teams. Voorts is begin januari opdracht gegeven aan een
extern bureau een groot 'cultuuronderzoek' te starten. De uitkomsten daarvan worden medio
september verwacht. Door de directie van de Mesdag wordt
onderkend dat medewerkers en patiënten niet voldoende op de hoogte zijn van de
bestaande richtlijnen ten aanzien van veiligheid en omgang met elkaar. De
directie heeft aangegeven dat dit absoluut onwenselijk is en dat deze
onderwerpen per afdeling aan de orde worden gesteld, waarbij de bestaande
regelgeving wordt herbevestigd. Dit proces is inmiddels in gang gezet. Overigens stelt de Rijksrecherche dat er, ondanks
de onbekendheid met de inhoud van richtlijnen, grote consensus is onder het
personeel en de patiënten omtrent de professionele omgang met elkaar. Ook stelt
de directie dat de inhoud van de bestaande richtlijnen en protocollen
inhoudelijk niet ter discussie staan. Tevens is er voldoende ervaren personeel
en worden nieuwe medewerkers adequaat begeleid na indiensttreding. Er is
vastgesteld dat de controle op het binnenvoeren van contrabande aanscherping
behoeft. Er is echter bij recente controles op alle afdelingen geen contrabande
aangetroffen met uitzondering van een mobiele telefoon. Verder zijn de steeksproefgewijze afdelingscontroles inmiddels opgevoerd.
Hoewel het probleem van contrabande binnen de justitiële inrichtingen wordt
onderkend, moeten de inspanningen maximaal gericht zijn op het voorkomen van
dergelijke onrechtmatigheden. Daarop is in de Mesdag onder meer de controle op
bezoekers, medewerkers en TBS-patiënten die
terugkeren van verlof verscherpt. Een deel van de
problematiek is te herleiden naar de groei van de capaciteit van de Mesdag van
60 naar 181 plaatsen in enkele jaren. Dit heeft de toch al niet geringe druk op het
personeel, de zorg en het management extra verhoogd. Daarnaast biedt de
Mesdagkliniek zorg aan TBS-patiënten die naar
verhouding extra intensieve begeleiding en behandeling vereisen in een zeer
beveiligde omgeving. Overigens kan worden gesteld dat de situatie op de
afdelingen waar de problemen zich hebben voorgedaan niet representatief is voor
de hele kliniek (17 afdelingen en 400 medewerkers).
Sex tussen personeel
en tbs'ers vermoed in Van Mesdagkliniek
– Vrouw-vrouw misbruik -- 12 april
1999 -- De Telegraaf -- GRONINGEN – De rijksrecherche stelt een onderzoek in naar het gedrag van vier medewerksters
van de Groningse Van Mesdagkliniek, waar uiterst gevaarlijke en geestelijk gestoorde
misdadigers worden behandeld. De vier vrouwen worden door de
directie van de tbs-inrichting verdacht van seksuele
relaties met vier patiënten, een zwaar vergrijp want het is medewerkers ten
strengste verboden een intieme relatie met bewoners aan te gaan. Andere gevangenen trokken aan de bel toen zij in de
gaten kregen dat hun maatjes op seksueel gebied door de medewerksters werden
vertroeteld. Nadat een van de vrouwen op heterdaad werd betrapt, deed de
directie van de Van Mesdagkliniek aangifte bij
justitie. De dames zijn
hangende het onderzoek geschorst. De Groningse officier
van justitie mr. Annette Bronsvoort sprak zaterdag de verwachting uit dat het nog zeker
vier tot zes weken zal duren voordat het rijksrecherche-onderzoek
zal zijn afgerond. Al eerder speelden er soortgelijke
problemen in de Groningse tbs-kliniek, waar onder andere de beruchte seriemoordenaar Hans
van Zon jarenlang werd verpleegd. In 1997 werd een
medewerkster ervan verdacht een intieme relatie te hebben met de als uiterst
gevaarlijk bekend staande Duitse crimineel Stefan Kröger, die samen met zijn maatje Johannes Van Tamelen op spectaculaire wijze wist te ontvluchten. Met
hulp van binnenuit ontsnapte het tweetal via de buizen van de airconditioning
uit de zwaar beveiligde kliniek. Uit een onderzoek dat na de ontsnapping werd
ingesteld, kon de betrokkenheid van de betreffende medewerkster niet voor
honderd procent worden aangetoond.