- Nieuws GOG Kerken Nederland -

2005

 

Nieuws GOG Kerken Nederland:  2006  2004  2003 en oudere jaren

 

 

Slachtoffer misbruik heeft nauwelijks stem -- 19 december 2005 -- Nederlands Dagblad, redacteur Gerald Bruins --

Wat moet een gemeente doen als de predikant seksueel misbruik heeft gepleegd? Geef de onderdrukten - in de meeste gevallen vrouwen - een stem én versterk de positie van de kerkenraad. Dát is de boodschap van de protestantse predikant Alexander Veerman.

 

Het bericht dat de predikant jarenlang een aantal vrouwen heeft misbruikt, treft de gemeente tot in het diepst van haar ziel. De kerkenraad, als eerste op de hoogte gesteld van een officiële aanklacht, reageert geschokt. De predikant is immers voor velen een grote zegen, ook in het geloof. Hoe moet de gemeente hier nu mee omgaan?

 

Alexander Veerman, parttime predikant van de Protestantse Kerk in 't Harde, onderzocht drie van dergelijke 'gevallen' van misbruik, twee in een protestantse en één in een reformatorische gemeente. Op zijn bevindingen, gevat in een proefschrift onder de titel Ontredderd (Boekencentrum, Zoetermeer), hoopt hij woensdag te promoveren aan de Theologische Universiteit (PKN) in Kampen.

 

Veerman is zeer strikt in zijn opvatting over dominees 'in het ambt' die seksuele handelingen met gemeenteleden verrichten. Waar een van de dader-predikanten uit zijn onderzoek sprak over een relatie met wederzijds goedvinden - overspel dus - noemt Veerman het seksueel misbruik. ,,Iemand die met een hulpvraag bij de dominee komt, stapt in een veilige ruimte, die intimiteit oproept. De predikant moet de grenzen van die veiligheid bewaken. Als hij over de schreef gaat, is hij bezig met zijn eigen behoeften, en niet met het probleem van het gemeentelid.''

 

Slachtoffers

Het viel Veerman op dat in de drie gemeenten de stem van de misbruikte vrouwen nauwelijks werd gehoord. De reformatorische kerkenraad nam de klachten wel serieus, maar onderhandelde zolang met de dominee over vergeving - het leek meer een juridische strijd - dat de vrouwen alsnog naar de rechter stapten. Zelfs in de kerkelijke taal is er weinig ruimte voor de slachtoffers, vindt hij. ,,De begrippen schuld, zonde en vergeving zijn op de dader gericht. De dominee heeft zonde begaan, kan zijn schuld belijden en vergeving krijgen. Maar het slachtoffer heeft vanuit gekwetstheid veel meer behoefte aan gerechtigheid.''

 

Hij wil niet afrekenen met een begrip als vergeving. ,,Vergeving brengt de ruimte om dingen los te laten, om verder te kunnen, een belangrijk bijbels gegeven.'' Toch moet de kerkenraad daar niet te snel naar toewerken. ,,Laat eerst de hele zaak maar eens boven tafel komen. Je moet alert zijn op het zogeheten dadermechanisme. Een van de predikanten uit mijn onderzoek beweerde dat hij alles had opgebiecht. Toen kwam er nog een derde geval van misbruik. Een andere predikant wilde direct zijn schuld belijden. Toen het proces langer duurde, zag hij er vanaf en voelde hij zich opeens slachtoffer.''

 

Veerman kiest onverkort voor het perspectief van het slachtoffer. Sterker nog, hij pleit voor het ontwikkelen van een ecclesiologie, een leer van de kerk, waarin de stem van 'gemarginaliseerden' wordt gehoord. Daarvoor put hij uit de bronnen van de bevrijdingstheologie, die opkomt voor de armen en onderdrukten. Zij reikt volgens hem instrumenten aan om het verschijnsel macht en de cultuur waarin hij functioneert onder kritiek te stellen.

 

Deze theologie, die werd ontwikkeld in Afrika en Zuid-Amerika, is op de verhouding tussen mensen gericht. Hoe ziet Veerman de relatie met God? ,,Die kan niet los worden gezien van de relatie met de medemens. Daar vraagt de bevrijdingstheologie juist aandacht voor. Als je vroom praat, terwijl er mensen worden misbruikt, klopt er iets niet. Jezus is wat dat betreft een inspirerend voorbeeld. Hij klaagde de orthodoxe farizeeërs - zeg maar de dominees van die tijd - aan vanwege het misbruik, maar de inhoud van het orthodoxe geloof verdedigde hij.''

 

Dreigt de dader niet buiten beeld te raken, bij een keuze voor het perspectief van het slachtoffer? ,,Alleen'', beaamt Veerman, ,,als de predikant als zondebok wordt afgeschilderd. Dat is ten onrechte, want het gaat om het klimaat waarin het misbruik kon plaatsvinden. En ook de dader heeft recht op professionele begeleiding. Het is verkeerd als een kerkenraad, om de gemoederen tot bedaren te brengen, zo snel mogelijk van de predikant af wil.''

 

Episoden

Hoewel het vertrouwen is geschonden - ook het geloof van de ouderlingen krijgt een douw - wordt de kerkenraad geacht leiding te geven. Dat is moeilijk als de ontwikkelingen over elkaar heen buitelen. Daarom beschreef Veerman de processen binnen de drie gemeenten. Hij ontdekte zes episoden, die tegelijk kunnen plaatsvinden.

 

Wat is misbruik? Dat is de vraag die in de eerste episode centraal staat. ,,De kerkenraad moet voor zichzelf helder krijgen wat er is gebeurd, waarbij rekening wordt gehouden met de eigen geschokte gevoelens.''

 

De tweede episode draait om de volgende vraag: onthullen en informatie verstrekken of terughoudendheid betrachten? Bij een landelijk onderzoek door een klachtencommissie die nog loopt, moet de kerkenraad voorzichtig zijn, zowel tegenover de gemeente als de pers. Zelfs de reden voor het op non-actief stellen van de predikant moet volgens hem niet worden genoemd. ,,Dat kan de aangeklaagde tegen je gebruiken bij een rechtszaak. Een gereguleerde informatievoorziening is beter. Toon aan dat je als kerkenraad het proces beheerst, dat je het overwicht houdt. Vraag om begrip voor de situatie.''

 

Maar wat als de geruchtenstroom op gang komt en de media de zaak oppakken? Veerman aarzelt even. ,,Elke nieuwe situatie vraagt om een nieuwe afweging. Het gaat om het vertrouwen van de gemeente. Dát moet je vasthouden.''

 

Episode drie behelst de kerkelijke procedures. Veerman pleit ervoor zo snel mogelijk hulp van buiten - van de classis of de synode - in te roepen. ,,Een crisisteam formeren is prima. In ieder geval moet er één persoon van buiten komen die het complexe proces begeleidt.''

 

Het woord schuld is het centrale begrip in de vierde episode. ,,Veel ouderlingen voelen zich schuldig. Hadden ze niet eerder moeten ingrijpen? Er waren vaak al geruchten. Dat de kerkenraad er ook niets aan kon doen, is een dooddoener. Er moet ruimte komen om deze schuldgevoelens te uiten.'' Deze vierde episode treedt volgens hem in de praktijk nogal eens gelijk op met eerste episode, waarin de vraag naar de schuld van de dominee aan de orde komt.

 

Een dreigende desintegratie of een toenemende saamhorigheid, daar draait het om in episode vijf. Als de kerkenraad ruimte geeft voor de gevoelens die in de gemeente leven en werkt aan een goede communicatie, kan de gemeente er sterker uit komen. Daarbij kunnen geestelijke middelen als bidden en zingen - mits juist ingezet - volgens hem van onschatbare waarde zijn.

 

Bij de laatste episode die Veerman ontdekte gaat het om de vraag of de kerkenraad zich laat verrassen en achteraf op de ontwikkelingen reageert (re-actief) of er vooraf op inspeelt (pro-actief). Veerman is een voorstander van dat laatste. ,,Een kerkenraad kan alvast nadenken over wat zij moet doen als de dominee misbruik pleegt. Mijn boek kan daarbij behulpzaam zijn.''

 

In zijn proefschrift pleit hij voor ,,een zelfbewuste kerkenraad die de gekwetste gemeente leidt van ontreddering naar hoop''. Is dat niet te veel gevraagd? ,,De kerkenraad kán ook iets. Ik realiseer me dat het moeilijk is, maar hij heeft de macht om bij seksueel misbruik het verschil te maken. Als hij maar authentiek handelt.”

 

 

 

Kerkenraad Amsterdam schorst predikant -- 6 december 2005 -- Oneway.nl / Nederlands Dagblad -- De kerkenraad van de Gereformeerde Kerk (vrijgemaakt) van Amsterdam-Zuid/West heeft zijn predikant Henno Smit voorlopig geschorst wegens seksueel misbruik. De raad heeft een afzettingsprocedure in gang gezet. Een halfjaar geleden is Smit op non-actief gesteld, nadat de zogeheten klachtencommissie seksueel misbruik in kerkelijke relaties geoordeeld had dat een klacht tegen de predikant gegrond was. Die klacht was door een gemeentelid ingediend en betrof een kwestie die zich enkele jaren geleden had voorgedaan. Smit ging tegen de uitspraak in beroep. Een beroepscommissie heeft het eerdere oordeel bekrachtigd en adviseerde de kerkenraad de predikant te schorsen. Aangezien de kerkenraad een eventuele terugkeer niet mogelijk acht, is tegelijkertijd besloten een afzettingsprocedure te starten, aldus voorzitter Theunis Modderman. De gemeente van Amsterdam-Zuid/West is zondagmiddag op de hoogte gebracht van het besluit, dat eind vorige week is genomen. "Deze kerkdienst was op de situatie toegespitst, daarin hebben we gebeden voor het slachtoffer, de gemeente en de predikant.'' Volgens Modderman is het advies van de beroepscommissie weloverwogen, helder en duidelijk. Er is uitgesproken dat er sprake is geweest van "langdurige lichamelijke intimiteit''. Daarbij verwijst 'langdurig' naar een langere periode in de tijd, aldus de voorzitter, die eraan toevoegt dat er sprake is van één klacht. Toen medio juni de op non-actiefstelling bekend werd, maakte de kerkenraad ook bekend dat Smit zelf ontheffing uit het predikantsambt aangevraagd had naar aanleiding van de uitspraak. Dat bleek kerkrechtelijk niet mogelijk, zo licht Modderman nu toe, omdat de predikant tegelijkertijd tegen de uitspraak in hoger beroep ging. Ook nu is ontheffing niet mogelijk, omdat de kerkenraad tot schorsing en afzetting heeft besloten.

Ds. Smit liet gisteren weten niet voor commentaar bereikbaar te zijn.

 

 

De kerk door een crisis loodsen -- 26 november 2005 -- Nederlands Dagblad,  door Maarten Vermeulen -- Plotseling is het crisis in de kerk. Er is iets met de dominee. Het geruchtencircuit draait op volle toeren, tweedeling dreigt. De media krijgen er lucht van en journalisten bezoeken de diensten. Een klein team neemt de leiding, regisseert en stuurt. Het is improviseren, want een helder stappenplan is er niet.

 

Op 20 oktober verstuurt de vrijgemaakt-gereformeerde kerk Assen-Marsdijk een persbericht. De inhoud is opvallend openhartig: predikant Halbe Geertsema wordt voor drie maanden geschorst wegens incestueuze handelingen bij een van zijn zonen. Een speciaal coördinatieteam adviseert de kerkenraad over juridische en pastorale zaken. En er wordt een woordvoerder aangesteld die de regie stevig in handen houdt: na het persbericht gaat de deur potdicht.

 

,,Onderdeel van de strategie'', verklaart woordvoerder Johan Haaksema. ,,Met zo'n persbericht krijg je de eerste drie dagen alles over je heen, maar daarna wordt het rustig.''

 

Die aanpak is overigens niet waterdicht omdat media hun eigen afwegingen maken. Het Nederlands Dagblad hield het op 'een ernstige zonde van seksuele aard', omdat de krant duidelijk maar terughoudend bericht over schorsingen en afzettingen van predikanten. De redactie wilde niet meegaan in een pr-strategie van de kerkenraad door een misdrijf publiek te maken, zonder dat er aangifte was gedaan en zonder de finesses van de kwestie te doorgronden. Het Dagblad van het Noorden daarentegen pakte juist breed uit over de zaak.

 

Nu weert Haaksema pottenkijkers. Meer informatie komt niet naar buiten. ,,Er bellen veel journalisten. Maar we zitten in een zorgvuldig proces en daar zeggen we niets over.''

 

Ook predikant Corné Alderliesten, collega van de geschorste Geertsema, houdt zich op de vlakte. ,,We willen het proces in al zijn dynamiek niet laten verstoren door zaken van buitenaf.'' Voor meer commentaar moeten journalisten naar de woordvoerder. ,,Iedereen verwijst naar mij, zo zijn de afspraken'', vertelt Haaksema.

 

Omgaan met de pers tijdens een crisis is voor veel kerken een lastig punt, zegt Alexander Veerman, PKN-predikant in 't Harde en mede-auteur van het boek Geschonden lichaam, een pastorale gids voor gemeenten die geconfronteerd worden met seksueel geweld. Onlangs onderzocht Veerman het proces in de kerkenraad als de predikant seksueel misbruik heeft gepleegd. Binnenkort promoveert hij op het onderwerp. ,,Ik ken situaties waarin de predikant ging klagen in de pers, terwijl de kerkenraad heel terughoudend was. Dat leverde een vertekend beeld op.''

 

Volgens Veerman zijn de eerste berichten over misstanden vaak terughoudend en vaag. ,,Daardoor komt een informeel circuit op gang. Een eenvoudig persbericht waarin openheid van zaken wordt gegeven, kan dan helpen. Het moet wel in overleg met eventuele slachtoffers. En het is goed om het bericht voor te leggen aan de aangeklaagde, zodat die weet wat er komt en eventuele fouten in het persbericht kan corrigeren. Als dingen openbaar worden, moeten ze kloppen.''

 

Als een predikant zich schuldig maakt aan een ernstig vergrijp raakt de kerkenraad ook beschadigd, stelt Veerman. De gemeente besturen is dan lastig. Een crisisteam instellen, zoals in Assen-Marsdijk, is een goede zet. ,,De mensen in dat team kunnen over de emoties heen kijken. Ze houden in de gaten of alle betrokkenen op een goede manier geholpen worden. En vergeet niet: ook de dader heeft recht op begeleiding. Bij gemeenteleden zullen veel vragen rond het geloof spelen. Hoe kan een dominee dit doen? Er komen vragen over doop en avondmaal.''

 

Zuidhorn

Dat blijkt ook uit berichten op de website van de Jongeren Opbouw Werkgroep, de jeugdvereniging van de kerk in Assen-Marsdijk. 'De preek van zondagmorgen vond ik goed. Daarbij werd ook gezegd dat de preken van ds. Geertsema nog steeds waarde hebben, net als door hem uitgevoerde dopen, avondmaalszondagen, trouwerijen etc. Wanneer dit niet zo zou zijn, zouden alleen heiligen dit kunnen doen...', schrijft een kerkbezoeker op maandag 24 oktober. Een ander bezoeker schrijft over het verdriet in de gemeente. 'Doe het Hem niet aan dat de mensen reden hebben om te zeggen: nou, als dat een christen is... Deze tekst komt uit een van de preken van ds. Geertsema zélf! Ik word hier zo boos en verdrietig van, ik snap het allemaal niet meer.' Van 4 september 1984 tot 17 april 2005 was Geertsema als predikant werkzaam in Zuidhorn. Het seksueel misbruik vond plaats over een periode van tien jaar. De huidige predikant van de vrijgemaakt-gereformeerde kerk in Zuidhorn, T.K. van Eerden, zwijgt over de gevolgen voor zijn gemeente. ,,Wij volgen in Zuidhorn dezelfde procedure als in Assen. We hebben een woordvoerder aangesteld, ik kan u niets vertellen.'' Die woordvoerder is J. Geersing, oud-burgemeester van Ferwerderadiel. Ook in Zuidhorn is behoefte aan rust, zegt hij. ,,De schorsing van Geertsema loopt binnenkort af. Dan zullen we een volgende stap nemen en dat zal weer een lawine van reacties opleveren. We willen niet geheimzinnig doen, maar gezien de reacties in de kerk laten we niemand toe.'' Ook in de vroegere gemeente van Geertsema zijn een pastoraal team en een speciaal comité actief. Details wil de woordvoerder niet geven. Volgens Geersing valt het in Zuidhorn nogal mee met de belangstelling van buiten de kerk voor de 'zaak Geertsema'. ,,Assen vangt de meeste klappen op.''

 

Anoniem bellen

De strakke regie staat de emotionele verwerking niet in de weg, zegt Sylvia van Delden, coördinator van het interkerkelijk samenwerkingsverband tegen seksueel misbruik in pastorale relaties (SMPR). ,,Er moet wel ruimte zijn voor emoties, maar die moeten ook gestuurd worden. Een wildgroei van uitbarstingen kan zelfs tot een scheuring leiden.'' Het SMPR werkt onder meer voor de Protestantse Kerk in Nederland en de Remonstrantse Broederschap. Behalve het begeleiden van slachtoffers, adviseert het samenwerkingsverband ook als kerken te maken krijgen met seksueel misbruik. ,,Er wordt vaak anoniem gebeld. Bijvoorbeeld door kerkenraadsleden die willen weten hoe ze een bepaalde zaak moeten aanpakken.'' Er is geen stappenplan beschikbaar voor kerken, al wordt daar volgens Van Delden aan gewerkt. ,,We hebben wel een handleiding waarmee kerken zelf een protocol op kunnen stellen.'' Officieel adviseert Van Delden alleen kerkenraden die geconfronteerd worden met misbruik in pastorale relaties. ,,Als een predikant zich vergrijpt aan zijn eigen kinderen, kan de kerkenraad nergens terecht. Maar in de praktijk stel ik me niet al te formalistisch op.'' De coördinator vindt dat kerken veel alerter moeten zijn. ,,Vraag ambtsdragers bij hun aanstelling om een verklaring omtrent hun gedrag. Eventuele strafrechtelijke kwesties komen dan meteen boven tafel. En vraag op de man af of ze ooit zijn beschuldigd van seksueel misbruik of intimidatie.'' Daarnaast zouden ambtsdragers regelmatig een soort functioneringsgesprek moeten hebben. Ook predikant Alexander Veerman pleit daarvoor. In zijn promotieonderzoek bekeek hij de relatie tussen drie kerkenraden en hun predikanten die de fout ingingen. ,,Kerkenraadsleden moeten zichzelf afvragen wat de machtspositie is van de predikant. In mijn onderzoek kwam ik dominees tegen die al tien tot vijftien jaar in een gemeente werkten terwijl er klachten waren over hun functioneren. De kerkenraden hadden allemaal het gevoel: hier kunnen we niets mee, dit is niet erg genoeg. Of de predikant zei dat hij nu eenmaal zo werkte. De leden van de kerkenraad zaten met hun mond vol tanden.'' Volgens Veerman komt misbruik in de gemeente altijd als complete verrassing. ,,Het hoort niet bij kerk-zijn. Een gemeente functioneert op basis van vertrouwen.''

 

Verdeeldheid

Dat is ook de ervaring van Paul Waterval, predikant van de gereformeerde kerk (vrijgemaakt) in Krimpen aan den IJssel. De gemeente kwam afgelopen jaar uitgebreid in het nieuws nadat kerklid Roel F. werd gearresteerd wegens ernstig seksueel misbruik van minderjarigen. ,,We hadden geen stappenplan liggen dus alles moest op het moment zelf worden bedacht.'' Net als nu in Assen-Marsdijk gebeurt, besloot ook de kerk in Krimpen aan den IJssel een crisisteam in te stellen. ,,Je kunt dit soort zaken niet met de voltallige kerkenraad aanpakken'', aldus Waterval. Roel F., die sinds zijn huwelijk in 1988 lid is van de kerk, werd in het verleden een aantal keer behandeld voor zijn pedofilie, onder meer bij de gereformeerde stichting Eleos. De behandelingen bleven zonder resultaat. Tot het moment dat de leiding van de gereformeerde basisschool in Krimpen aan den IJssel in september 2004 aan de bel trok, ging F. door met het misbruiken van jonge meisjes. De schok in de kerk was enorm, zegt Waterval. ,,We zitten nog volop in het verwerkingsproces.'' Volgens de predikant is de gemeente verdeeld geraakt. ,,Een deel denkt dat de zaak jarenlang door de kerkelijke leiding onder de pet is gehouden maar de kerkenraad bestrijdt dat. Zo gaat dat helaas vaak bij dit soort kwesties. We zijn nog bezig om uit te vinden hoe we dit als gemeente moeten aanpakken.'' Inmiddels werkt de kerkenraad aan een protocol dat bij klachten over seksueel misbruik in werking treedt. Een commissie is bezig met een rapport over de rol van de kerkenraad.

 

Ongestructureerd

In 1996 vond een geruchtmakende ontuchtzaak plaats op de gereformeerde scholengemeenschap Guido de Brès in Amersfoort. Leraar Ben K. bekende talloze scholieren te hebben misbruikt. Schokkender was de onthulling dat de schoolleiding probeerde de affaire binnenskamers te houden. Henk van Rhee, inmiddels directeur van de ChristenUnie, werd destijds gevraagd als adviseur en woordvoerder. ,,De satellietwagens stonden op de stoep, journalisten joegen op quotes van leerlingen, leraren en ouders. Het was allemaal ongestructureerd, een redelijke chaos.'' Het besef dat strafbare feiten in de openbaarheid moeten komen, is na de zaak op de Guido de Brès toegenomen, denkt Van Rhee. ,,Openheid op zich is geen doel, maar het accepteren dat sommige dingen gewoon strafbaar zijn, wel.'' Na zijn optreden voor de scholengemeenschap, werd Van Rhee vaker gevraagd als crisismanager bij scholen en kerken waar seksueel misbruik had plaatsgevonden. ,,Als het om strafbare zaken gaat, moeten politie en justitie worden ingelicht. En daarna moet er een bericht naar buiten. Als mensen het idee hebben dat er iets wordt achtergehouden, komen er geruchten.'' Voorbereiding heeft wel zin, denkt Van Rhee. ,,Het is niet gek als kerken er eens over nadenken wie hun woordvoerders zijn als een crisis uitbreekt. En een kerkenraad kan afspreken dat ze strafbare feiten nooit verborgen houdt.'' Iemand van buitenaf kan helpen grip te krijgen op de zaak. Een belangrijk element, vindt Van Rhee. ,,Rust in de tent is goed. Maar het moet niet kunstmatig zijn, niet afgedwongen. Chaos staat echte verwerking in de weg en als mensen het idee krijgen dat de leiding met de handen in het haar zit, gaat het fout.''

 

Coördinatieteam

Ook Henk Schaafsma, voorzitter van het vrijgemaakt-gereformeerde deputaatschap seksueel misbruik, wijst op het belang van een coördinerend team. ,,De ervaring leert dat seksueel misbruik veel chaos en verwarring veroorzaakt binnen een gemeenschap. De aanpak is erop gericht om de bestaande chaos niet groter te laten worden, niet om die meteen weg te nemen. Rouw, verdriet en boosheid mogen er zijn. Maar we moeten voorkomen dat allerlei mensen zich ermee gaan bemoeien.''

Schaafsma adviseerde de kerk in Assen-Marsdijk over het samenstellen van een coördinatieteam. De mensen in het team krijgen een vergoeding voor hun werk. ,,Maar die staat in geen verhouding tot het werk dat ze doen'', aldus Schaafsma. ,,Het team werkt altijd in opdracht van de kerkenraad, die houdt het laatste woord. Maar de kerkenraadsleden kunnen zo in verwarring raken, dat ze het niet meer overzien.'' Naast het opvangen van gemeenteleden, ziet Schaafsma ook het voorkomen van 'ongewenste invloeden van buitenaf' als taak van het coördinatieteam. ,,Wie is er bij gebaat als SBS6 met camera's op de stoep staat? Ik heb dat een paar jaar geleden in een kerk meegemaakt. Dat was erg ongepast.'' Zoveel mogelijk openheid, als het kan in één keer, luidt het devies van Schaafsma. ,,Als het onduidelijk is, zoekt de pers net zo lang tot ze alles weet.'' Die openheid moet ook gelden voor de gemeenteleden zelf, benadrukt Sylvia van Delden van het SMPR. ,,Als er sprake is van seksueel misbruik moet een gemeente dat niet via de pers of het kerkblad te weten komen. Er is maar een manier en dat is een kanselmededeling en een brief met uitleg.'' Het SMPR beschikt over een bestand met gemeentebegeleiders die kerken kunnen bijstaan als ze met seksueel misbruik in aanraking komen. Onderling wisselen deze begeleiders ervaringen uit. Ook nodigen ze deskundigen uit. ,,De kennis is enorm toegenomen'', zegt Van Delden. ,,De aanpak is ook professioneler geworden. Doordat kerken er in de praktijk mee geconfronteerd worden, worden ze gedwongen erover na te denken.''

 

Tamboerijnschool

Het is niet voor het eerst dat de gereformeerde kerkgemeenschap in Assen te maken krijgt met seksueel misbruik. In 1998 werd een leraar van de gereformeerde basisschool De Tamboerijn ontslagen wegens het betasten van kinderen. Binnenkort verschijnt er een boek over die zaak. Onder de titel Jij mag nablijven brengt pedofiliedeskundige Ireen van Engelen de zaak opnieuw onder de aandacht. Het boek bevat delen van een briefwisseling tussen de ouders van een van de slachtoffers en de schrijfster. Volgens deze ouders hebben het bestuur en de directeur van de Tamboerijn de betrokken leerkracht lange tijd de hand boven het hoofd gehouden. Daardoor zou de zaak veel te laat aan het licht zijn gekomen. De schorsing wegens incest van predikant Geertsema brengt bij sommige mensen de ontuchtzaak op de Tamboerijn weer boven. ,,Er speelt van alles'', zegt A. de Snoo, die van 1996 tot 2004 predikant was in de vrijgemaakt-gereformeerde kerk Assen-Marsdijk. Volgens hem ligt de schorsing van Geertsema erg precair. ,,Dit soort gebeurtenissen grijpen diep in. Er komt van alles los, ook wat mensen eerder zelf hebben meegemaakt.''

 

 

Geheime uitweg door sterkere seksuele prikkels – 7 november 2005 – Reformatorisch Dagblad -- GOUDA - Door sterke erotische prikkels vanuit de samenleving enerzijds en de duidelijke ethische moraal van de gereformeerde gezindte anderzijds ontstaat er een toenemende spanning. Dat zei prof. dr. H. Jochemsen zaterdag in Gouda tijdens een drukbezocht Eleos-symposium over pastoraat en hulpverlening bij seksuele problemen. Voor de directeur van het prof. dr. G. A. Lindeboom Instituut is het de vraag of die spanning niet een verkeerde uitweg zoekt. „Als je alle ontwikkelingen hoort, is het voor mij de vraag of die spanning niet een uitweg zoekt in bijvoorbeeld incest en pornoverslaving. Mensen zoeken naar geheime uitwegen doordat er steeds sterkere prikkels op hen afkomen, terwijl onze kring tegelijkertijd nog sociale druk kent.”

 

 

Dominee geschorst wegens incest -- 25 oktober 2005 -- Redactie MdH -- De kerkenraad van de vrijgemaakt gereformeerde kerk Assen-Marsdijk heeft de 52-jarige dominee H.G. geschorst in verband met incest. De Asser predikant bekende tegenover de kerkenraad dat hij een van zijn zoons gedurende tien jaar seksueel heeft misbruikt. De woordvoerder van de kerkenraad, J. Haaksema, bevestigde dit vandaag volgens De Telegraaf. De kerkenraad heeft G. voor de duur van drie maanden geschorst. In die periode zal een officieel onderzoek worden verricht. Tot dusver lijkt nog geen aangifte tegen de predikant te zijn gedaan. Zowel bij de kerkenraad als bij justitie in Assen is over een aangifte in ieder geval nog niets bekend, zo bericht dagblad De Telegraaf. De raad heeft de kerkgemeenschap donderdag op de hoogte gesteld van de bekentenis. Een pastoraal team begeleidt sindsdien de gelovigen. De vervangende predikant heeft zondag tijdens de dienst bovendien uitvoerig stil gestaan bij de feiten. Volgens Haaksema zijn de gemeenteleden 'geschokt' en 'verbijsterd'. Of G. zelf met het verhaal naar buiten is gekomen, wilde de woordvoerder niet zeggen. De incest plegende predikant was sinds april 2005 voorganger bij de vrijgemaakt gereformeerde kerk in de Asser wijk Marsdijk. Daarvoor werkte hij als predikant in Zuidhorn. Eerder werkte hij in Nijverdal en Goes. Om wille van de vele overeenkomsten tussen incest en therapeutische incest hopen wij dat de predikant niet ook minder- of meerderjarige gelovigen binnen de gemeenten waarin hij als predikant werkzaam was seksueel heeft misbruikt. Door de publiciteit die aan deze zaak nu al wordt gegeven, is de kans dat eventuele slachtoffers van seksueel machtsmisbruik door de geestelijke zich zullen melden in ieder geval al enigszins toegenomen waarmee wij erg blij zijn.
  

 

Pastor Lieshout weg na klacht seksueel misbruik 1 september 2005Eindhovens Dagblad, AD DE KONING -- LIESHOUT – Pastor J. Ceelen van Lieshout en Mariahout heeft zijn functie met ingang van vandaag neergelegd. Aanleiding voor zijn ontslag is een klacht die tegen hem is ingediend door iemand die zegt door de pastor seksueel misbruikt te zijn. De 64-jarige Ceelen, die in Lieshout 23 jaar en in Mariahout 9 jaar als pastor actief was, zou volgende maand vanwege het bereiken van de 65-jarige leeftijd zijn emeritaat nemen. Een woordvoerder van het bisdom Den Bosch benadrukt dat Ceelen zélf zijn ontslag heeft aangevraagd. „Het bisdom heeft op advies van Hulp & Recht met het ontslag ingestemd“, aldus de woordvoerder. Hulp & Recht is een door de Nederlandse bisschoppen in het leven geroepen kerkelijk meldpunt dat klachten over seksueel misbruik binnen de rooms-katholieke kerk registreert en onderzoekt. „Hulp & Recht heeft aangegeven dat ontslag in dit geval de beste oplossing was en het bisdom heeft dat advies opgevolgd“, aldus de woordvoerder, die om privacy-redenen niet op de precieze aanklacht wil ingaan. Ceelen is nu door het bisdom gesuspendeerd, wat inhoudt dat hij geen sacramentele bedieningen meer mag uitvoeren en geen eucharistievieringen meer mag opdragen. Voor zover bekend, heeft de indiener van de klacht de zaak niet bij justitie aanhangig gemaakt. Dit betekent dat Ceelen niet vervolgd wordt voor het mogelijke misbruik. Ceelen zelf, die gisteren niet bereikbaar was voor commentaar, neemt deze week in een afscheidsbrief in parochieblad De Trommel afscheid van zijn parochianen, zonder op de precieze reden voor zijn plotselinge vertrek in te gaan. ’Al langere tijd en zeker de laatste maanden voelde ik een druk, een spanning in mijn leven en werken’, schrijft de pastor in het blad. ’Ik voelde me een beetje moe en leeg, misschien wat opgebrand.’ Ceelen spreekt in De Trommel de hoop uit dat er snel een nieuwe pastor wordt gevonden. ’Om de nieuwe pastor alle ruimte en vrijheid te geven en zelf afstand in te bouwen, blijf ik niet in deze omgeving wonen.“ Het bisdom hoopt nu inderdaad zo snel mogelijk een nieuwe pastor te kunnen aantrekken. In Laarbeek is met ongeloof gereageerd op het plotseling vertrek van pastor Ceelen. Vooral de reden van zijn vertrek wekt verbazing. Kosteres A. Steenbakkers van de Lieshoutse Sint-Servaasparochie is geschokt door het nieuws. „Verschrikkelijk. Ik ken pastor Ceelen al twintig jaar. Het is een hele aardige man en vooral ook een prima pastor. Ik heb hem vorige week nog gesproken. Dit is echt heel erg, voor iedereen, vind ik.“ „Als het waar is, is dat niet zo mooi“, reageert voorzitter J. van de Biggelaar-Voets van de Lieshoutse KBO-afdeling. Ceelen was geestelijk adviseur van deze ouderenvereniging. „Ik kan geen negatief woord over hem zeggen, hier kijk ik echt van op.“ Voorzitter D. Donkers van de Lieshoutse KVO noemt Ceelen ’een heel persoonlijke pastor’. „Hij nam zijn werk als pastor serieus, maar daarnaast kon hij ook heel gezellig zijn. Hij stond ook voor iedereen klaar. Als KVO konden we altijd een beroep op hem doen. Heel jammer dat hij weg is en verschrikkelijk dat dan ook nog om zo’n reden is.“ Voorzitter F. van Rooij van het parochieel herenkoor van Mariahout omschrijft Ceelen als ’een fijne mens om mee te werken’. „Je kon altijd een beroep op ’m doen.“

 

 

Jeugdzorg moet ingrijpen bij sekte -- 18 augustus 2005 -- Telegraaf -- GRONINGEN - Jeugdzorg in Groningen moet ervoor zorgen dat een groep kinderen die in een sektarische woongroep in Ter Apel woont daar zo snel mogelijk wordt weggehaald. Dat zei de Stichting Minderjarigen Noord-Nederland (SMN) donderdag. Volgens de SMN worden de kinderen in de woongroep mishandeld en seksueel misbruikt. Een vrouw die zich 'Fee' noemt en zegt over goddelijke krachten te beschikken, leidt de groep. In 2004 verbleven er 25 kinderen in de groep, nu waarschijnlijk vijftien. "De eerste berichten over mishandeling dateren uit 2004, maar er is nog altijd niets gebeurd", zegt woordvoerder J. Faasse van de SMN. Volgens Faasse heeft Jeugdzorg Groningen, die de leefsituatie van de kinderen onderzocht, steken laten vallen. Het SMN pleit voor een onafhankelijk onderzoek. SMN is een officiële door de overheid gefinancierde cliëntenorganisatie die opkomt voor mensen die problemen ervaren met Jeugdzorg. Volgens de organisatie blijkt uit een eigen rapport, dat al in 2004 werd samengesteld op basis van getuigenverklaringen, dat de kinderen worden mishandeld. Het Advies- en Meldpunt Kindermishandeling (AMK) deed eerder onderzoek naar de kwestie, maar constateerde geen zorgwekkende zaken in de woongroep. Naar het handelen van het AMK in de kwestie is in 2004 bovendien een intern onderzoek ingesteld, laat een woordvoerster van Jeugdzorg Groningen weten. " De Inspectie Jeugdzorg heeft toen geconstateerd dat de handelwijze van het AMK adequaat en navolgbaar is geweest", aldus de zegsvrouw. In 2005 zijn bij Jeugdzorg geen meldingen over de woongroep binnengekomen. De instantie ziet dan ook geen reden voor extra onderzoek. "Wat ons betreft heeft het onafhankelijk onderzoek in 2004 plaatsgevonden."

 

Celstraf geëist tegen 'profeet Elias' -- 1 juli 2005 -- ANP -- DORDRECHT (ANP) - De 69-jarige geestelijk leider H. van G. van het religieuze Efraim Genootschap in Heinenoord heeft vrijdag bij de rechtbank in Dordrecht een jaar gevangenisstraf tegen zich horen eisen. Daarvan zijn zes maanden voorwaardelijk. H. van G. wordt ervan verdacht een inmiddels overleden volgelinge die aan borstkanker leed, ervan te hebben weerhouden zich adequaat te laten behandelen. Officier van justitie mr. W. Boer acht de man, die zichzelf profeet Elijah of Elias noemt, schuldig aan 'dwang', een niet vaak gebezigd wetsartikel (art. 284 wetboek van strafrecht). Smaad: Een andere volgeling zou hij volgens justitie hebben 'gedwongen' ruim 300.000 euro over te maken aan het genootschap. Ook heeft hij zich volgens het Openbaar Ministerie op zijn eigen website schuldig gemaakt aan smaad ten opzichte van ex-volgelingen. De zelfbenoemde profeet uit Puttershoek kondigde in 2001 aan dat het einde der tijden nabij was. Zijn aanhangers maakten zich toen op om als 'bruid van Jezus' te worden opgenomen in het hiernamaals. Sommigen zegden hun huur op, verkochten hun woonhuis of haalden hun kinderen van school. Psychische dwang: De kankerpatiënte zag af van een operatie, volgens haar onder psychische dwang. De voorganger zou de vrouw door handoplegging en na gebed 'genezen' hebben verklaard. De verdachte zou haar ook hebben verteld dat haar lichaam 'gaaf' moest blijven voor God. Ook die bewering zou haar van een operatie hebben afgehouden. Na 2001, toen de aangekondigde 'opname' in het hiernamaals uitbleef, kreeg zij het aan de stok met de leider. Zij werd eerst 'geschorst', en uiteindelijk 'afvallig'. Ze liet zich alsnog opereren en meldde zich bij de politie om aangifte te doen tegen de profeet. De vrouw overleed vorig jaar aan haar ziekte.

 

Predikant Amsterdam op non-actief23 juni 2005 -- Nederlands Dagblad -- AMSTERDAM - De vrijgemaakt-gereformeerde ds. Henno Smit (45) is door zijn kerkenraad voor drie maanden op non-actief gezet vanwege vermeend seksueel misbruik. Zondagmorgen is dit de gemeente van Amsterdam-Zuid/West meegedeeld. De achtergrond van de kerkenraadsbeslissing was een klacht, door een gemeentelid medio februari ingediend bij het landelijk meldpunt seksueel misbruik in kerkelijke relaties. De kwestie heeft zich een aantal jaren geleden voorgedaan. De commissie seksueel misbruik in kerkelijke relaties nam de zaak vervolgens in behandeling en verklaarde de klacht gegrond. In de commissie-uitspraak wordt de kerkenraad geadviseerd ds. Smit naar artikel 79 van de kerkorde te schorsen. Deze uitspraak is voor de predikant aanleiding geweest om zelf ontheffing te vragen van zijn ambt als predikant (artikel 15 van de kerkorde). Het verzoek is door de kerkenraad, die vanavond over de kwestie vergadert, in beraad genomen. ,,De klacht is een op zichzelf staande zaak: er spelen voor zover bekend binnen de gemeente geen andere zaken die aanleiding tot een vergelijkbare klacht zouden kunnen vormen'', laten kerkenraad en predikant in een gezamenlijk persbericht weten. Door de gemeente is ,,met verdriet'' gereageerd op de kerkenraadsmededeling, aldus desgevraagd preses Theunis Modderman. ,,Hij is voor velen een geliefd predikant. De gemeente is nu bezig met rouwverwerking.'' Ds. Smit stond vanaf 1991 in Amsterdam. Daarvoor diende hij de gemeente van Marknesse.

 

Een nieuwe paus… GOG binnen de katholieke kerk… een cartoon van Joep Bertrams

CARTOON ‘Luisterende Paus’ (gepubliceerd op 25 april 2005 in Het Parool).

Bekijk ook deze cartoon: "If we could get that many worshippers to mass..." - Boston's Cardinal B. Law has fled to the vatican to try to settle sexual litigation claims and pressure to resign.” >>

 

Arnhemse 'wonderdokter' Belgische cel in 25 april 2005 – De Telegraaf -- ANTWERPEN - De Arnhemse wonderdokter Bassehou D. is in Antwerpen veroordeeld tot twintig maanden cel waarvan acht voorwaardelijk, wegens oplichting. De veroordeelde maakte volgens het vonnis 86.820 euro afhandig bij vier van zijn 'patiënten' na te hebben geadverteerd als helderziende en 'medium' in een advertentieblad in Turnhout, over de grens bij Tilburg. D. maakte in zijn beroepspraktijk nog gebruik van twee andere namen. "De beklaagde heeft, door listige kunstgrepen waarvan hij zich bediende, schromelijk misbruik gemaakt van de goedgelovigheid van hopeloze mensen" , zo sprak de Belgische rechter in zijn vonnis.

 

De macht en onmacht van ambtsdragers 18 april 2005 – Nederlands Dagblad -- EDE - De kerk weet het maar al te goed: mensen zijn geneigd tot alle kwaad. Seksueel misbruik in een pastorale relatie, met alle verdriet en boosheid die het aanricht, niet uitgezonderd. Plaatselijke kerken hebben daarom 'interne vertrouwenspersonen' aangesteld. Landelijke instanties zetten er vraagtekens bij. Het is al even geleden dat een ambtsdrager in vrijgemaakt-gereformeerd Alphen aan den Rijn zou worden geschorst. Hij was te ver gegaan in het contact met vrouwen. Van die schorsing kwam het niet, omdat de ambtsdrager zelf vertrok. De gemeente bleef zitten met de gevolgen, zoals onbegrip over wat was gepasseerd, vertelt ds. Klaas de Vries uit Alphen aan de Rijn. Toen hij er in 1998 aantrad als predikant, is hij de kerkenraadsnotulen gaan doorspitten, om er lessen uit te trekken voor de toekomst. Hoe werd er gereageerd op signalen van grensoverschrijdend gedrag? Welke rol speelde de kerkenraad? ,,Daar kwamen frappante dingen uit'', zegt De Vries. Vrouwen in de gemeente hadden geprobeerd klachten over seksueel misbruik aan de orde te stellen bij ambtsdragers. Die namen de signalen serieus. Toch slaagden ze er niet in adequaat te reageren. Ze beschouwden de klachten vooral als 'zaken die moesten worden afgehandeld'. De ambtsdrager om wie het ging, deed snel schuldbelijdenis en daarmee was de kous af, schetst De Vries. Dat er veel meer was gepasseerd, dat er een structureel probleem bij de ambtsdrager achter zat, kwam pas veel later - te laat - boven tafel. Het bleek voor vrouwen die er last van hadden gehad, erg moeilijk te zijn om met hun verhaal naar hun wijkouderling te gaan. Tegen deze achtergrond heeft de gemeente in Alphen een bewustwordingsproces in gang gezet. Zo zijn er preken en een gemeentevergadering aan het onderwerp gewijd. In het geheel aan (preventieve) maatregelen besloot de kerk tevens tot aanstelling van twee interne vertrouwenspersonen. En dat in samenhang met drie naburige Gereformeerde Kerken (vrijgemaakt) die er de noodzaak van zagen. Zo ontstond een regionaal netwerk van vertrouwenspersonen die elkaar kunnen steunen, aanscherpen en zonodig vervangen. Ze zijn er speciaal voor klachten van (ex-)gemeenteleden over seksueel misbruik door iemand die in dienst van de kerk een functie bekleedt. Het kan de koster zijn, de ouderling maar ook de jeugdleider of de oppasser in de crèche. ,,Juist de kerk weet dat mensen geneigd zijn tot alle kwaad. Bovendien zijn er in de kerk allerlei machtsposities en ondoorzichtige structuren. Er gaat van de aanstelling van een vertrouwenspersoon ook een preventieve werking uit. Wie afwijkend gedrag vertoont, realiseert zich dat hij er niet zomaar mee weg komt.'' De 'interne vertrouwenspersonen' vormen een aanvulling op het landelijke meldpunt dat enkele jaren geleden is ingesteld voor onder meer vrijgemaakt-gereformeerden. De Vries: ,,Het landelijk meldpunt is een prima middel, maar voor een deel van de gemeenteleden die met seksuele intimidatie van doen denken te hebben, zal de stap te groot zijn om te bellen naar iemand die ze niet zien en niet kennen. Wie bijvoorbeeld alleen maar iets verdachts ervaart in een contact met een ambtsdrager, en daarmee niet naar een landelijk meldpunt wil omdat het misschien wel niets is, zal wellicht liever praten met een vertrouwenspersoon in de buurt. Zo'n vertrouwelijk gesprek kan misschien voorkomen dat er op den duur iets scheefgroeit.'' Ria Erkelens, nu twee jaar vertrouwenspersoon in de Gereformeerde Kerk (vrijgemaakt) te Waddinxveen, heeft ervaren dat ze gemakkelijk aangesproken wordt als iemand die met iets zit rond het thema seksueel misbruik in de kerk. ,,Er hoeft echt niet iets vreselijks gebeurd te zijn om toch even te willen praten met een vertrouwenspersoon.'' De 'vertrouwenspersoon' is een bekende figuur in de strijd tegen ongewenste omgangsvormen in maatschappelijke organisaties en bedrijven. Alhoewel de bijbehorende taakomschrijving niet wettelijk geijkt is, bestaat er een zekere eensgezindheid over wie vertrouwenspersoon kan zijn, en wat deze wel en niet moet doen. Protocollen van allerhande instanties, ook die van de kerk in Alphen, wijzen dezelfde richting op. De vertrouwenspersoon staat eigenlijk een beetje aan de zijlijn: er is idealiter geen sprake van een gezagsrelatie met de klager. Kenmerkend blijkt: zorgen voor de eerste opvang van degene die zich slachtoffer voelt van grensoverschrijdend gedrag. Het gaat om een luisterend oor en steun bieden, en om begeleiding en advisering bij het zoeken van oplossingen, bijvoorbeeld: een verhelderend gesprek tussen 'klager' en 'dader'. Want lang niet alle gesprekken met een vertrouwenspersoon leiden tot een officiële klacht bij een klachtencommissie of de politie. Het parool is doorgaans dat de vertrouwenspersoon niet bemiddelt; hij of zij doet geen poging het probleem voor de klager op te lossen. De rol van advocaat of rechercheur past de vertrouwenspersoon niet. Met derden over de klacht spreken is eveneens taboe, zeker zonder uitdrukkelijke toestemming van de klager. Enige scholing hoort er standaard bij, en daarvoor is een markt van trainingen en cursussen ontstaan. Naast dit alles heeft een vertrouwenspersoon meestal tot taak in eigen gelederen te blijven werken aan bewustwording van het kwaad van 'ongewenste omgangsvormen', zo ook die van de kerken in Alphen en omstreken. Aandacht voor seksueel misbruik binnen pastorale relaties is niet nieuw. Afgelopen jaren hebben kerkgenootschappen hard aan landelijke voorzieningen gewerkt. Er zijn centrale meldpunten in het leven geroepen, waar slachtoffers terechtkunnen voor een gesprek met een vertrouwenspersoon. Er kwamen beroepscodes voor predikanten, protocollen om een klacht af te handelen en klachtencommissies die een formele uitspraak kunnen doen over een klacht. In navolging van alle landelijke aandacht zijn hier en daar lokale kerken zich gaan beraden op wat zij voor maatregelen moeten nemen. Bert Roor van de Evangelische Alliantie, die voor evangelische gemeenten een meldpunt en code heeft ingesteld, wijst ter illustratie op de Berea Gemeente Haarlem. Daar hebben twee echtparen de functie van vertrouwenspersoon gekregen. Hun taakomschrijving is echter anders dan gebruikelijk: ze fungeren als schakel tussen klager en oudstenraad, om een klacht van beperkte omvang aan de oudsten door te geven, opdat die in eigen kring correct wordt afgehandeld en niet in de doofpot verdwijnt. De Nederlands Gereformeerde Kerk in Oegstgeest legt de nadruk op het landelijk meldpunt, en verwijst daarnaar in haar protocollen. Toch is er ook iets extra's geregeld in de plaatselijke gemeente zelf. Reden is dat door een nieuwe gemeentestructuur veel gemeenteleden worden ingeschakeld in het pastoraat. Bij misbruik in die pastorale contacten functioneren de ouderlingen en de predikant als 'vertrouwenspersoon', zo is vastgelegd. In de Protestantse Kerk in Nederland zijn weinig lokale vertrouwenspersonen actief, vermoedt Sylvia van Delden, coördinator van de interkerkelijke Stichting tegen Seksueel Misbruik in Pastorale Relaties, die onder meer voor de Protestantse Kerk werkt. Een stuk of zes gemeenten hebben naar nut en noodzaak geïnformeerd bij de stichting. ,,Ik heb die gemeenten gevraagd me op de hoogte te houden als ze tot aanstelling van een vertrouwenspersoon overgaan. Voor zover ik weet hebben ze het erbij laten zitten.'' Van Delden is niet onverdeeld enthousiast over het verschijnsel 'interne vertrouwenspersonen' in lokale kerken. ,,Al heb ik waardering voor de intentie, het lijkt mij niet zo'n goede constructie. Een interne vertrouwenspersoon doet waarschijnlijk weinig ervaring op; zo vaak komt seksueel misbruik in pastorale relaties nou ook weer niet voor in een gemeente. Iemand zonder ervaring dreigt te worden overspoeld door van alles en nog wat als er werkelijk wat aan de hand is. Een vertrouwenspersoon van een landelijk meldpunt kan makkelijker afstand bewaren en bouwt meer deskundigheid en ervaring op.'' En de preventieve werking van een eigen vertrouwenspersoon? ,,Dat signaal kun je als gemeente ook afgeven door er aandacht aan te besteden in een preek en in het beleidsplan van de kerk, en door folders over het landelijke meldpunt achter in het kerkgebouw te leggen.'' ,,Het idee van een interne vertrouwenspersoon is prijzenswaardig'', zegt preventiemedewerker Corrie Blijdorp van Stichting Meldpunt van de Christelijke Gereformeerde Kerken, Nederlands Gereformeerde Kerken en de Gereformeerde Kerken (vrijgemaakt). Maar ook zij ziet valkuilen. ,,Als de vertrouwenspersoon zelf lid is van de gemeente, is het moeilijk onbevangen naar een klacht te luisteren: ze kent de betrokkenen vaak te goed. Belangenverstrengeling ligt op de loer. Wie een verhaal over seksuele intimidatie kwijt wil, loopt bijvoorbeeld niet graag het risico dat de dader een goede vriend blijkt te zijn van de vertrouwenspersoon. Bovendien vraagt de rol van vertrouwenspersoon deskundigheid, en daarvoor is terugkerende scholing en intervisie nodig.'' Intervisie staat voor het bespreken van elkaars functioneren als collega's onder elkaar. Blijdorp hamert, in lijn met de heersende opvatting, op neutraliteit van de vertrouwenspersoon. Zij gaat er daarom van uit dat vertrouwenspersonen niet uit eigen gelederen moeten komen. Feit is evenwel dat een 'interne vertrouwenspersoon' een breed ingevoerde functie is, bevestigt Anneke de Ruiter, bestuurslid van de Landelijke Vereniging van Vertrouwenspersonen, die vijf jaar geleden is opgericht. Een vertrouwenspersoon die de organisatie (of de gemeente) van binnenuit kent, heeft iets te bieden wat bij een externe vertrouwenspersoon minder vanzelf spreekt. De kans op een loyaliteitsconflict is wel groter. Daarom zijn binnen een organisatie, ook scholen en universiteiten, vaak meer vertrouwenspersonen actief, zodat doorverwijzing mogelijk is. Daar wordt een interne vertrouwenspersoon, als het goed is, op getraind. Herma Knol-Versteegt, maatschappelijk werker met een eigen praktijk in Oldebroek, heeft een dergelijke training gegeven aan de vertrouwenspersonen van vrijgemaakt Alphen, Bodegraven, Woerden en Waddinxveen. Zij spreekt van nabijheid en afstand. ,,Je hebt inlevingsvermogen nodig. Je moet er zijn voor de ander, maar het probleem van de ander niet tot het jouwe maken. Anders kun je geen goede hulp bieden. En mocht een klacht gaan over iemand uit je vriendenkring, dan moet je doorverwijzen naar een andere vertrouwenspersoon.'' Met de aandacht voor seksueel misbruik door 'kerkelijke functionarissen' zijn allerlei zienswijzen uit de (professionele) psychosociale hulpverlening het gemeenteleven ingebracht. Vroeger moest je het hebben van een wijze broeder of zuster die naar bevind van zaken kon handelen, met als motto 'als een lid lijdt, lijden alle leden'. Nu kun je terecht bij mensen die professioneel getraind zijn, die de smalle weg van protocollen en gedragscodes gaan en jouw probleem niet tot het hunne mogen maken. ,,Vertrouwenspersonen zijn geen professionals'', reageert Knol. ,,Het blijven vrijwilligers, maar ze hebben toerusting nodig om niet in valkuilen te vallen. Hoe makkelijk zeg je niet tegen iemand: 'Je mag me altijd bellen'? En toch kun je zoiets beter niet zeggen, omdat je het niet kunt waarmaken.'' De Gereformeerde Kerk (vrijgemaakt) van Bedum, die met een ernstige zaak van seksueel misbruik geconfronteerd is geweest, houdt het bij een verwijzing in het kerkelijk adresboek naar vertrouwenspersonen van het landelijke meldpunt. De gemeente heeft vorig jaar de aanstelling van een interne vertrouwenspersoon schielijk teruggedraaid. Deels had dat te maken met een te snelle invoering, waardoor kerkenraadsleden en gemeente zich overvallen voelden, vertelt ds. Joop Groeneveld uit Bedum. Allerlei bezwaren waren bovengekomen. Zo keken ambtsdragers vreemd op van de notie (in het bijbehorende protocol) dat ze macht uitoefenen in hun functie. Macht uitoefenen? Ambtsdragers dienen toch alleen maar? Kennelijk botste in Bedum het theologische perspectief op de verhouding ambtsdrager-gemeentelid, met waarnemingen uit de psychosociale sector. In deze sector (die overigens ook via de praktische theologie van zich doet spreken) is het geen vraag of macht en afhankelijkheid in pastorale contacten een rol spelen. Groeneveld zelf kan zich in die visie ook wel vinden. ,,Een ambtsdrager heeft macht om te dienen. Hij is 'in dienst van', functioneert als onderherder en ziet zo om naar de schapen. Hij mag iemand terechtwijzen, met de Bijbel in de hand.'' Het geheel aan maatregelen rondom de aanstelling van een vertrouwenspersoon werd in Bedum als een motie van wantrouwen ervaren. Angst stak de kop op dat iedereen die een kerkelijke taak uitoefent, de kans loopt met valse beschuldigingen te worden achtervolgd. Sylvia van Delden van de interkerkelijke Stichting tegen Seksueel Misbruik in Pastorale Relaties herkent een dergelijke reactie. ,,De angst voor valse beschuldigingen is groot. In mijn ervaring komen verzonnen verhalen echter niet zo vaak voor. Ik hoor wel eens een klacht waarvan ik denk: hoe is dat ooit te bewijzen? En hoeveel daarvan heeft te maken met overgevoeligheid van de klager zelf? Maar vaak komt uit zo'n verhaal geen officiële klacht voort; het blijft iets voor binnen de hulpverlening, en daar heeft geen ambtsdrager last van. De aanstelling van interne vertrouwenspersonen leidt niet tot meer verzonnen verhalen. Er kan onrust door ontstaan in de gemeente, maar dat is misschien wel eens goed. Daardoor wordt iedereen aan het denken gezet over de mogelijkheid van seksueel misbruik.'' Is het niet overtrokken, al die protocollen en vertrouwenspersonen - zo ga je vanzelf wel denken dat een hand op je schouder het grootste trauma is dat je kan overkomen, of niet? ,,De aandacht voor seksueel misbruik in het pastoraat is wel een beetje een hype geweest, maar die is nu wel uitgewoed'', meent ds. De Vries. ,,Overtrokken reacties zullen best voorkomen, maar daarvan zal in de meeste gevallen geen sprake zijn. Als er echt wat aan de hand is, is de schade heel groot.''

 

Nederlands sektepaar in opspraak in België 1 april 2005 – De Telegraaf -- LOMMEL/BRUSSEL - De Belgische justitie heeft een gerechtelijk vooronderzoek ingesteld naar het Nederlandse sektepaar Cees en Agnes L. van de Rehobothkerk. Oud-leden van de beweging beschuldigen het koppel van machtsmisbruik. Justitie in Hasselt deelde dat vrijdag mee. De zaak kwam aan het rollen toen de Kempische Volle Evangelie Gemeente, zoals de beweging officieel heet, zich wilde aansluiten bij het Verbond van Vlaamse Pinkstergemeenten (VVB). Dat is de vereniging van door de Belgische overheid erkende pinkstergemeenten in Vlaanderen. Toen het verbond de werkwijzen van de kerk onderzocht, deden meer dan honderd oud-leden hun beklag over de beweging. Zo zou het Nederlandse paar hebben geprobeerd een in de moederschoot gestorven tweeling opnieuw tot leven te wekken.

 

 Incestzaak schokt GKV Krimpen 5 maart 2005 – Nederlands Dagblad -- KRIMPEN AAN DEN IJSSEL - Het misbruik en de verkrachting van een 9-jarig meisje sinds haar geboorte, heeft in de Gereformeerde Kerk (vrijgemaakt) van Krimpen aan den IJssel een grote schok veroorzaakt. De verdachte, de 46-jarige vader Roel F., is lid van de gemeente. In de kerkelijke gemeente heerst ,,verslagenheid'', zegt predikant J.B. de Rijke. Er was al beroering, zegt hij. Dat Roel F. eind vorig jaar wegens zedendelicten in voorlopige hechtenis is genomen, was sinds half december bekend in de gemeente. De schokkende feiten waarvan het Openbaar Ministerie hem verdenkt, kwamen pas gisteren naar buiten. Behalve F.'s dochter, werden ook drie nichtjes het slachtoffer en justitie sluit niet uit dat hij nog meer meisjes heeft misbruikt. Het 9-jarige meisje en haar moeder zijn tijdelijk ondergedoken. De moeder wordt niet verdacht. De zaak kwam aan het rollen na een anonieme tip bij de politie, gevolgd door een aangifte. In de gemeente is geen vertrouwenspersoon aangesteld. De gemeente publiceert wel het telefoonnummer van het 'Meldpunt seksuele intimidatie' van de Driehoek, dat gericht is op misbruik binnen pastorale en kerkelijke relaties. Op de gereformeerde basisschool in Krimpen aan den IJssel is een vertrouwenspersoon aangesteld. Woensdagavond kwam een gebedsgroep bij elkaar. Gisteravond vergaderde de kerkenraad over de zaak. Een team is zich aan het inlezen op de gevolgen van seksueel misbruik voor de gemeente. Stichting Chris, bekend van de christelijke hulplijn voor kinderen en jongeren, geeft voorlichting aan kerken over seksueel misbruik. ,,Elke gemeente krijgt vroeg of laat met seksueel misbruik te maken'', stelt directeur Rob Hondsmerk. ,,De cijfers zijn binnen de kerk niet anders dan erbuiten.'' Uit onderzoek in de jaren tachtig onder duizend vrouwen is gebleken dat 15 procent van de vrouwen slachtoffer is van incest. De plegers zijn overwegend mannen: vaders, broers, ooms, pleegvaders en grootvaders. Uit gegevens van de Rutgers Nisso Groep, het kenniscentrum voor seksualiteit in Utrecht, blijkt dat seksueel misbruik van baby's vaker voorkomt. Hoe vaak, is niet bekend. Onderzoekers spreken elkaar op dit punt tegen. De één beweert dat eenderde van de kinderen bij aanvang van het misbruik jonger dan zes was, de ander houdt dat percentage op 'hoger dan 3 procent'. Bij Stichting Chris wordt gemiddeld elke dag een nieuwe zaak van seksueel misbruik gemeld, zegt Hondsmerk. De slachtoffers zijn zelden jonger dan een jaar, maar het komt zeker voor. In sommige gevallen gaat het om ,,satanisch ritueel misbruik'', zegt hij. Mensen die naar de kerk gaan, zijn volgens hem vatbaarder voor satanisme dan niet-kerkelijken ,,Ik ken een zaak van iemand die naar de kerk ging en naar de satanskerk.'' De meeste telefoontjes en mailtjes die Chris binnenkrijgt over seksueel misbruik, komen van jonge slachtoffers. Tieners, tussen de elf en vijftien jaar. ,,Meestal is het misbruik dan al jaren aan de gang, vanaf de bovenbouw van de basisschool.'' De Krimpense incestzaak zet de wereld van de directeur van Chris niet meer z'n kop. Hij weet maar al te goed dat seksueel misbruik op grote schaal voorkomt, ook in de kerk. ,,Deze zaak bepaalt je er wel bij dat het altijd gekker kan. Los van de geestelijke en emotionele schade, is seksueel misbruik van jonge kinderen lichamelijk schadelijk. Ik weet van een baby van drie maanden bij wie penetratie heeft plaatsgevonden.'' De schade moet soms met een operatie worden hersteld, als dat nog mogelijk is. De Rutgers Nisso Groep bevestigt dat penetratie van een baby zeer ernstige (blijvende) lichamelijke gevolgen kan hebben en zelfs tot de dood kan leiden. Een kind dat jarenlang seksueel is misbruikt, hoeft niet per se in therapie, zegt Rob Hondsmerk. Sommige kinderen zijn volgens hem nog te jong om het misbruik te verwerken. ,,Je moet geen gevoelens wakker maken waar het kind nog niet aan toe is. Een kleuter die is misbruikt, maar geen gedragsproblemen heeft en er niet over wil praten, kun je beter met rust laten.'' Dat een kind dat seksueel is misbruikt vroeg of laat psychische gevolgen ondervindt, staat vast, zegt hij. ,,Het heeft gevolgen voor de identiteitsvorming en voor het geloof. Wat moet zo'n kind zich voorstellen bij zijn hemelse Vader? Het leven van zo'n kind wordt één grote puinhoop. Bij kinderen die nog niet in de puberteit zijn, is er hoop dat je schreefgegroeide denkbeelden nog kunt rechttrekken.'' Ds. De Rijke preekt zondag over 'verontmoediging'. ,,We moeten niet alleen maar met de vinger wijzen en zeggen: hij is een zondaar. Wat er is gebeurd, is het gruwelijkste wat je kunt bedenken. Toch moeten we proberen aan het voet van het kruis elkaar te ontmoeten. We moeten ons klein maken voor God, omdat dit kon gebeuren in onze gemeente.'' De directeur van Stichting Chris hoopt dat andere gemeenten door deze gebeurtenis wakker worden geschud. Als gemeente ben je nooit voorbereid op een incestzaak, erkent hij. Maar bij de voorlichting aan kerken, merkt hij dat veel gemeenten aan ,,struisvogelpolitiek'' doen. ,,Ze maken geen beleid, omdat ze denken dat zoiets bij hen niet voorkomt. Als het dan toch gebeurt, is de hele gemeente in rep en roer. De predikant krijgt dan alles op z'n bordje.'' Vertrouwenspersonen op scholen zijn niet genoeg. ,,Een vertrouwenspersoon in de gemeente aanwijzen, is het minste wat je kunt doen.'' Roel F. moet zich op 14 maart verantwoorden voor de rechtbank in Rotterdam in een zogeheten pro-forma-zitting. De zaak wordt dan nog niet inhoudelijk behandeld, omdat de man eerst psychisch moet worden onderzocht.

 

Profeet schuldig aan dood vrouw15 februari 2005 – newage.punt.nl / Fok.nl - De leider van het Efraim-genootschap uit Heinenoord, Heinrich van Geene, is volgens justitie schuldig aan de dood van een ex-lid van zijn sekte. Van Geene zorgde ervoor dat het slachtoffer, die aan borstkanker leed, geen medische behandeling onderging. Justitie beschuldigt de zelfbenoemde profeet verder van oplichting en smaad. De rechtbank wil dat Van Geene in het Pieter Baan Centrum een onderzoek ondergaat naar zijn psychische gesteldheid. De religieus leider weigert daar aan mee te werken omdat hij zegt onschuldig te zijn. De leider van het Efraim-genootschap kwam eerder in het nieuws met zijn voorspelling dat op 31 december 2001 de wereld zou vergaan en dat zijn volgelingen konden rekenen op een plaatsje in de hemel. Door ‘'onvoorziene'’ omstandigheden verging de wereld toen echter niet.

 

De macht en onmacht van ambtsdragers -- 12 februari 2005 -- Nederlands Dagblad -- EDE - De kerk weet het maar al te goed: mensen zijn geneigd tot alle kwaad. Seksueel misbruik in een pastorale relatie, met alle verdriet en boosheid die het aanricht, niet uitgezonderd. Plaatselijke kerken hebben daarom 'interne vertrouwenspersonen' aangesteld. Landelijke instanties zetten er vraagtekens bij. Het is al even geleden dat een ambtsdrager in vrijgemaakt-gereformeerd Alphen aan den Rijn zou worden geschorst. Hij was te ver gegaan in het contact met vrouwen. Van die schorsing kwam het niet, omdat de ambtsdrager zelf vertrok. De gemeente bleef zitten met de gevolgen, zoals onbegrip over wat was gepasseerd, vertelt ds. Klaas de Vries uit Alphen aan de Rijn. Toen hij er in 1998 aantrad als predikant, is hij de kerkenraadsnotulen gaan doorspitten, om er lessen uit te trekken voor de toekomst. Hoe werd er gereageerd op signalen van grensoverschrijdend gedrag? Welke rol speelde de kerkenraad? ,,Daar kwamen frappante dingen uit'', zegt De Vries. Vrouwen in de gemeente hadden geprobeerd klachten over seksueel misbruik aan de orde te stellen bij ambtsdragers. Die namen de signalen serieus. Toch slaagden ze er niet in adequaat te reageren. Ze beschouwden de klachten vooral als 'zaken die moesten worden afgehandeld'. De ambtsdrager om wie het ging, deed snel schuldbelijdenis en daarmee was de kous af, schetst De Vries. Dat er veel meer was gepasseerd, dat er een structureel probleem bij de ambtsdrager achter zat, kwam pas veel later - te laat - boven tafel. Het bleek voor vrouwen die er last van hadden gehad, erg moeilijk te zijn om met hun verhaal naar hun wijkouderling te gaan. Noodzaak: Tegen deze achtergrond heeft de gemeente in Alphen een bewustwordingsproces in gang gezet. Zo zijn er preken en een gemeentevergadering aan het onderwerp gewijd. In het geheel aan (preventieve) maatregelen besloot de kerk tevens tot aanstelling van twee interne vertrouwenspersonen. En dat in samenhang met drie naburige Gereformeerde Kerken (vrijgemaakt) die er de noodzaak van zagen. Zo ontstond een regionaal netwerk van vertrouwenspersonen die elkaar kunnen steunen, aanscherpen en zonodig vervangen. Ze zijn er speciaal voor klachten van (ex-)gemeenteleden over seksueel misbruik door iemand die in dienst van de kerk een functie bekleedt. Het kan de koster zijn, de ouderling maar ook de jeugdleider of de oppasser in de crèche. ,,Juist de kerk weet dat mensen geneigd zijn tot alle kwaad. Bovendien zijn er in de kerk allerlei machtsposities en ondoorzichtige structuren. Er gaat van de aanstelling van een vertrouwenspersoon ook een preventieve werking uit. Wie afwijkend gedrag vertoont, realiseert zich dat hij er niet zomaar mee weg komt.'' Prima: De 'interne vertrouwenspersonen' vormen een aanvulling op het landelijke meldpunt dat enkele jaren geleden is ingesteld voor onder meer vrijgemaakt-gereformeerden. De Vries: ,,Het landelijk meldpunt is een prima middel, maar voor een deel van de gemeenteleden die met seksuele intimidatie van doen denken te hebben, zal de stap te groot zijn om te bellen naar iemand die ze niet zien en niet kennen. Wie bijvoorbeeld alleen maar iets verdachts ervaart in een contact met een ambtsdrager, en daarmee niet naar een landelijk meldpunt wil omdat het misschien wel niets is, zal wellicht liever praten met een vertrouwenspersoon in de buurt. Zo'n vertrouwelijk gesprek kan misschien voorkomen dat er op den duur iets scheefgroeit.'' Ria Erkelens, nu twee jaar vertrouwenspersoon in de Gereformeerde Kerk (vrijgemaakt) te Waddinxveen, heeft ervaren dat ze gemakkelijk aangesproken wordt als iemand die met iets zit rond het thema seksueel misbruik in de kerk. ,,Er hoeft echt niet iets vreselijks gebeurd te zijn om toch even te willen praten met een vertrouwenspersoon.'' Opvang: De 'vertrouwenspersoon' is een bekende figuur in de strijd tegen ongewenste omgangsvormen in maatschappelijke organisaties en bedrijven. Alhoewel de bijbehorende taakomschrijving niet wettelijk geijkt is, bestaat er een zekere eensgezindheid over wie vertrouwenspersoon kan zijn, en wat deze wel en niet moet doen. Protocollen van allerhande instanties, ook die van de kerk in Alphen, wijzen dezelfde richting op. De vertrouwenspersoon staat eigenlijk een beetje aan de zijlijn: er is idealiter geen sprake van een gezagsrelatie met de klager. Kenmerkend blijkt: zorgen voor de eerste opvang van degene die zich slachtoffer voelt van grensoverschrijdend gedrag. Het gaat om een luisterend oor en steun bieden, en om begeleiding en advisering bij het zoeken van oplossingen, bijvoorbeeld: een verhelderend gesprek tussen 'klager' en 'dader'. Want lang niet alle gesprekken met een vertrouwenspersoon leiden tot een officiële klacht bij een klachtencommissie of de politie. Het parool is doorgaans dat de vertrouwenspersoon niet bemiddelt; hij of zij doet geen poging het probleem voor de klager op te lossen. De rol van advocaat of rechercheur past de vertrouwenspersoon niet. Met derden over de klacht spreken is eveneens taboe, zeker zonder uitdrukkelijke toestemming van de klager. Enige scholing hoort er standaard bij, en daarvoor is een markt van trainingen en cursussen ontstaan. Naast dit alles heeft een vertrouwenspersoon meestal tot taak in eigen gelederen te blijven werken aan bewustwording van het kwaad van 'ongewenste omgangsvormen', zo ook die van de kerken in Alphen en omstreken. Protocollen: Aandacht voor seksueel misbruik binnen pastorale relaties is niet nieuw. Afgelopen jaren hebben kerkgenootschappen hard aan landelijke voorzieningen gewerkt. Er zijn centrale meldpunten in het leven geroepen, waar slachtoffers terechtkunnen voor een gesprek met een vertrouwenspersoon. Er kwamen beroepscodes voor predikanten, protocollen om een klacht af te handelen en klachtencommissies die een formele uitspraak kunnen doen over een klacht. In navolging van alle landelijke aandacht zijn hier en daar lokale kerken zich gaan beraden op wat zij voor maatregelen moeten nemen. Bert Roor van de Evangelische Alliantie, die voor evangelische gemeenten een meldpunt en code heeft ingesteld, wijst ter illustratie op de Berea Gemeente Haarlem. Daar hebben twee echtparen de functie van vertrouwenspersoon gekregen. Hun taakomschrijving is echter anders dan gebruikelijk: ze fungeren als schakel tussen klager en oudstenraad, om een klacht van beperkte omvang aan de oudsten door te geven, opdat die in eigen kring correct wordt afgehandeld en niet in de doofpot verdwijnt. De Nederlands Gereformeerde Kerk in Oegstgeest legt de nadruk op het landelijk meldpunt, en verwijst daarnaar in haar protocollen. Toch is er ook iets extra's geregeld in de plaatselijke gemeente zelf. Reden is dat door een nieuwe gemeentestructuur veel gemeenteleden worden ingeschakeld in het pastoraat. Bij misbruik in die pastorale contacten functioneren de ouderlingen en de predikant als 'vertrouwenspersoon', zo is vastgelegd. In de Protestantse Kerk in Nederland zijn weinig lokale vertrouwenspersonen actief, vermoedt Sylvia van Delden, coördinator van de interkerkelijke Stichting tegen Seksueel Misbruik in Pastorale Relaties, die onder meer voor de Protestantse Kerk werkt. Een stuk of zes gemeenten hebben naar nut en noodzaak geïnformeerd bij de stichting. ,,Ik heb die gemeenten gevraagd me op de hoogte te houden als ze tot aanstelling van een vertrouwenspersoon overgaan. Voor zover ik weet hebben ze het erbij laten zitten.'' Van Delden is niet onverdeeld enthousiast over het verschijnsel 'interne vertrouwenspersonen' in lokale kerken. ,,Al heb ik waardering voor de intentie, het lijkt mij niet zo'n goede constructie. Een interne vertrouwenspersoon doet waarschijnlijk weinig ervaring op; zo vaak komt seksueel misbruik in pastorale relaties nou ook weer niet voor in een gemeente. Iemand zonder ervaring dreigt te worden overspoeld door van alles en nog wat als er werkelijk wat aan de hand is. Een vertrouwenspersoon van een landelijk meldpunt kan makkelijker afstand bewaren en bouwt meer deskundigheid en ervaring op.'' En de preventieve werking van een eigen vertrouwenspersoon? ,,Dat signaal kun je als gemeente ook afgeven door er aandacht aan te besteden in een preek en in het beleidsplan van de kerk, en door folders over het landelijke meldpunt achter in het kerkgebouw te leggen.'' Valkuilen: ,,Het idee van een interne vertrouwenspersoon is prijzenswaardig'', zegt preventiemedewerker Corrie Blijdorp van Stichting Meldpunt van de Christelijke Gereformeerde Kerken, Nederlands Gereformeerde Kerken en de Gereformeerde Kerken (vrijgemaakt). Maar ook zij ziet valkuilen. ,,Als de vertrouwenspersoon zelf lid is van de gemeente, is het moeilijk onbevangen naar een klacht te luisteren: ze kent de betrokkenen vaak te goed. Belangenverstrengeling ligt op de loer. Wie een verhaal over seksuele intimidatie kwijt wil, loopt bijvoorbeeld niet graag het risico dat de dader een goede vriend blijkt te zijn van de vertrouwenspersoon. Bovendien vraagt de rol van vertrouwenspersoon deskundigheid, en daarvoor is terugkerende scholing en intervisie nodig.'' Intervisie staat voor het bespreken van elkaars functioneren als collega's onder elkaar. Blijdorp hamert, in lijn met de heersende opvatting, op neutraliteit van de vertrouwenspersoon. Zij gaat er daarom van uit dat vertrouwenspersonen niet uit eigen gelederen moeten komen. Feit is evenwel dat een 'interne vertrouwenspersoon' een breed ingevoerde functie is, bevestigt Anneke de Ruiter, bestuurslid van de Landelijke Vereniging van Vertrouwenspersonen, die vijf jaar geleden is opgericht. Een vertrouwenspersoon die de organisatie (of de gemeente) van binnenuit kent, heeft iets te bieden wat bij een externe vertrouwenspersoon minder vanzelf spreekt. De kans op een loyaliteitsconflict is wel groter. Daarom zijn binnen een organisatie, ook scholen en universiteiten, vaak meer vertrouwenspersonen actief, zodat doorverwijzing mogelijk is. Daar wordt een interne vertrouwenspersoon, als het goed is, op getraind. Herma Knol-Versteegt, maatschappelijk werker met een eigen praktijk in Oldebroek, heeft een dergelijke training gegeven aan de vertrouwenspersonen van vrijgemaakt Alphen, Bodegraven, Woerden en Waddinxveen. Zij spreekt van nabijheid en afstand. ,,Je hebt inlevingsvermogen nodig. Je moet er zijn voor de ander, maar het probleem van de ander niet tot het jouwe maken. Anders kun je geen goede hulp bieden. En mocht een klacht gaan over iemand uit je vriendenkring, dan moet je doorverwijzen naar een andere vertrouwenspersoon.'' Broeder: Met de aandacht voor seksueel misbruik door 'kerkelijke functionarissen' zijn allerlei zienswijzen uit de (professionele) psychosociale hulpverlening het gemeenteleven ingebracht. Vroeger moest je het hebben van een wijze broeder of zuster die naar bevind van zaken kon handelen, met als motto 'als een lid lijdt, lijden alle leden'. Nu kun je terecht bij mensen die professioneel getraind zijn, die de smalle weg van protocollen en gedragscodes gaan en jouw probleem niet tot het hunne mogen maken. ,,Vertrouwenspersonen zijn geen professionals'', reageert Knol. ,,Het blijven vrijwilligers, maar ze hebben toerusting nodig om niet in valkuilen te vallen. Hoe makkelijk zeg je niet tegen iemand: 'Je mag me altijd bellen'? En toch kun je zoiets beter niet zeggen, omdat je het niet kunt waarmaken.'' Macht: De Gereformeerde Kerk (vrijgemaakt) van Bedum, die met een ernstige zaak van seksueel misbruik geconfronteerd is geweest, houdt het bij een verwijzing in het kerkelijk adresboek naar vertrouwenspersonen van het landelijke meldpunt. De gemeente heeft vorig jaar de aanstelling van een interne vertrouwenspersoon schielijk teruggedraaid. Deels had dat te maken met een te snelle invoering, waardoor kerkenraadsleden en gemeente zich overvallen voelden, vertelt ds. Joop Groeneveld uit Bedum. Allerlei bezwaren waren bovengekomen. Zo keken ambtsdragers vreemd op van de notie (in het bijbehorende protocol) dat ze macht uitoefenen in hun functie. Macht uitoefenen? Ambtsdragers dienen toch alleen maar? Kennelijk botste in Bedum het theologische perspectief op de verhouding ambtsdrager-gemeentelid, met waarnemingen uit de psychosociale sector. In deze sector (die overigens ook via de praktische theologie van zich doet spreken) is het geen vraag of macht en afhankelijkheid in pastorale contacten een rol spelen. Groeneveld zelf kan zich in die visie ook wel vinden. ,,Een ambtsdrager heeft macht om te dienen. Hij is 'in dienst van', functioneert als onderherder en ziet zo om naar de schapen. Hij mag iemand terechtwijzen, met de Bijbel in de hand.'' Het geheel aan maatregelen rondom de aanstelling van een vertrouwenspersoon werd in Bedum als een motie van wantrouwen ervaren. Angst stak de kop op dat iedereen die een kerkelijke taak uitoefent, de kans loopt met valse beschuldigingen te worden achtervolgd. Sylvia van Delden van de interkerkelijke Stichting tegen Seksueel Misbruik in Pastorale Relaties herkent een dergelijke reactie. ,,De angst voor valse beschuldigingen is groot. In mijn ervaring komen verzonnen verhalen echter niet zo vaak voor. Ik hoor wel eens een klacht waarvan ik denk: hoe is dat ooit te bewijzen? En hoeveel daarvan heeft te maken met overgevoeligheid van de klager zelf? Maar vaak komt uit zo'n verhaal geen officiële klacht voort; het blijft iets voor binnen de hulpverlening, en daar heeft geen ambtsdrager last van. De aanstelling van interne vertrouwenspersonen leidt niet tot meer verzonnen verhalen. Er kan onrust door ontstaan in de gemeente, maar dat is misschien wel eens goed. Daardoor wordt iedereen aan het denken gezet over de mogelijkheid van seksueel misbruik.'' Is het niet overtrokken, al die protocollen en vertrouwenspersonen - zo ga je vanzelf wel denken dat een hand op je schouder het grootste trauma is dat je kan overkomen, of niet? ,,De aandacht voor seksueel misbruik in het pastoraat is wel een beetje een hype geweest, maar die is nu wel uitgewoed'', meent ds. De Vries. ,,Overtrokken reacties zullen best voorkomen, maar daarvan zal in de meeste gevallen geen sprake zijn. Als er echt wat aan de hand is, is de schade heel groot.''

 

Paus roept op tot beter toezicht kandidaat–priesters 2 februari 2005 – Reformatorisch Dagblad / Oneway.nl -- VATICAANSTAD - Deskundigen moeten beter toezien op de "seksuele en emotionele rijpheid" van priesterstudenten. Voordat zij priester worden gewijd, moet vaststaan dat zij het celibataire leven aankunnen, schrijft paus Johannes Paulus II in een dinsdag gepubliceerde brief aan het hoofd van de Vaticaanse congregatie voor katholieke vorming. Een beter toezicht op priesterstudenten moet schandalen als dat op het seminarie van het Oostenrijkse bisdom St. Pölten helpen voorkomen. Daar werden de rector en vice–rector ontslagen, omdat zij seksuele relaties met priesterstudenten onderhielden. Verder werden 40.000 pornografische foto's, inclusief kinderporno, op de computers van de priesteropleiding gevonden. De paus is geveld door griep en heeft zijn afspraken voor de komende dagen afgezegd.

 

 

Meldpunt misbruik in pastorale relaties vrij uniek 21 januari 2005 – Reformatorisch Dagblad -- APELDOORN - De recent opgerichte stichting Meldpunt seksueel misbruik in pastorale relaties is een gezamenlijk initiatief van drie kerkverbanden: de Gereformeerde Kerken vrijgemaakt, de Nederlands Gereformeerde Kerken en de Christelijke Gereformeerde Kerken. Kennen andere denominaties een dergelijk meldpunt ook? Een inventarisatie. Binnen de Oud Gereformeerde Gemeenten in Nederland is de mogelijkheid van iets als een meldpunt wel eens besproken door het deputaatschap psychosociale hulpverlening, zegt woordvoerder A. A. Klein van het kerkelijk bureau in Barneveld. Er zijn echter geen plannen voor het oprichten daarvan. Het kerkverband heeft een samenwerkingsovereenkomst met psychologenpraktijk Brouwer in Ridderkerk voor psychosociale hulpverlening aan de leden. Door deze overeenkomst worden lange wachtlijsten vermeden. „Overigens is het de kerkelijke weg om in zulke situaties contact op te nemen met de kerkenraad, of -als contact met de eigen ambtsdrager een barrière vormt om dingen bespreekbaar te maken- met de consulent van een naburige gemeente”, aldus Klein. De Gereformeerde Gemeenten hebben evenmin een meldpunt waar seksueel misbruik door bijvoorbeeld ambtsdragers kan worden aangegeven. Mr. M. J. W. Hoek, tot voor kort secretaris van stichting De Vluchtheuvel van de Gereformeerde Gemeenten, gaat ervan uit dat een betrokken ambtsdrager met de klacht wordt geconfronteerd en dat die klacht via de kerkelijke weg, via kerkenraad en classis, wordt behandeld. Mr. Hoek verwijst naar het boekje ”In Orde”, een handleiding voor de kerkelijke rechtspraak binnen de Gereformeerde Gemeenten. Daarin wordt gewaarschuwd voor het uitspelen van ambtsdragers die pastorale bijstand verlenen tegen ambtsdragers die een onderzoek instellen naar de feiten. Mr. Hoek vindt het om deze reden beter dat pastoraat en tuchtuitoefening door dezelfde ambtsdragers worden gedaan. „Uiteraard kan bij het onderzoek de hulpverlener worden gehoord van degene die de beschuldiging heeft ingediend.” De kerkenraad kan de betrokken ambtsdrager vragen tijdelijk zijn ambtelijke werkzaamheden neer te leggen, of hem voor korte tijd schorsen. Mr. Hoek: „Het moet dan gaan om een zware beschuldiging of om een zaak die in de openbaarheid is gekomen.” Omdat een onderzoek naar de juistheid van een beschuldiging doorgaans erg gevoelig ligt binnen een kerkenraad, vindt hij het van groot belang dat de onpartijdigheid gewaarborgd is. „Zelf heb ik er wel eens voor gepleit om in zo’n situatie het onderzoek te laten verrichten door de kerkenraad van een naastgelegen gemeente.” In het verleden heeft het deputaatschap diaconale en maatschappelijke zorg van de Gereformeerde Gemeenten wel eens een ambtsdragersconferentie belegd waarop deze thematiek aan de orde kwam, aldus algemeen secretaris W. Drooger. Doel was dan vooral toerusting. „Bijvoorbeeld: hoe ga je er als ambtsdrager mee om als je alleen bij een gescheiden vrouw op bezoek moet?” Ook de Gereformeerde Gemeenten in Nederland (GGN) kennen niet zoiets als een meldpunt seksueel misbruik in pastorale relaties. „Wij zijn maar een klein kerkverband”, zegt M. Meijering, secretaris van het deputaatschap psychosociale hulp. „Mocht er inderdaad sprake zijn van seksueel misbruik in pastorale relaties, dan hopen wij dat er deskundige hulp wordt ingeroepen.” Uit ervaring weet hij dat de problematiek van seksueel misbruik in het algemeen, op open wijze wordt benoemd in de prediking. „Men moet in zo’n situatie hulp vragen, is dan de boodschap.” De GGN wenden zich voor hulpverlening tot instanties als De Vluchtheuvel, Eleos of stichting Schuilplaats. De Protestantse Kerk in Nederland (PKN) participeert in de SMPR, de interkerkelijke stichting tegen seksueel misbruik in pastorale relaties. Hieraan nemen ook de Bond van Vrije Evangelische Gemeenten in Nederland, de Oud-Katholieke Kerk in Nederland en de Remonstrantse Broederschap deel. De Doopsgezinde Broederschap en het Leger des Heils zijn waarnemer. Doel van de SMPR is seksueel misbruik in pastorale relaties helpen bestrijden en voorkomen. Het samenwerkingsverband adviseert kerken, bevordert preventie en ontwikkelt rechtvaardige klachtenprocedures. Het meldpunt van de SMPR is ondergebracht bij het IKON-pastoraat (telefoon: 035 – 621 55 55). De SMPR omschrijft seksueel misbruik in een pastorale relatie als „misbruik van macht of vertrouwen van een pastor ten opzichte van een gemeentelid of parochiaan, in de vorm van seksuele handelingen, seksuele toespelingen of uitnodigingen tot seksueel contact, meestal onder druk van geheimhouding.” Wie iets dergelijks meemaakt, aldus de stichting op haar website, „kan terecht bij een vertrouwenspersoon van de SMPR, met haar of zijn verhaal. Want seksueel misbruik treft niet alleen vrouwen, één op de vier slachtoffers is man.” Voor meer informatie over de SMPR kunt u de website van de SMPR bezoeken.             

 

Een vent loopt hiermee niet te koop 13 januari 2005 – De Gelderlander -- De man als incestslachtoffer is een taboe, merkte de Beusichemse predikant Nico de Lange. Hij schreef een boek Duister baken. 'Voor mannelijke slachtoffers van incest en seksueel geweld is er weinig toegankelijk materiaal op dit gebied. Het meest recente is nogal wetenschappelijk van aard. Voor vrouwen is er vanuit de feministische hoek heel veel over incest geschreven. De haast radicale keuze voor de vrouw in deze literatuur en - soms ook - de hulpverlening heeft er mede toe bijgedragen dat de man meestal als dader wordt afgeschilderd, terwijl er ook jongens de dupe van zijn. Ik geef toe dat het mede daardoor knap lastig is om de man als slachtoffer te thematiseren." Nico de Lange, protestants predikant in Beusichem-Zoelmond, verdiepte zich in het verschijnsel incest en stelde vast dat het voor jongens en mannen op latere leeftijd een taboe is om er over te beginnen. Het past volgens hem niet in het beeld dat de maatschappij van mannen heeft en vaak ook niet bij het beeld dat ze van zichzelf hebben. De Lange: "Geen mens is honderd procent slecht. Dat maakt het verwarrend voor omstanders, maar vooral ook voor het slachtoffer. Spreken over incestervaringen is een zeer complexe aangelegenheid. Een kind wil genegenheid en rust en koste wat het kost de harmonie in zijn gezin niet in gevaar brengen. Wanneer je er als slachtoffer mee naar buiten komt, dan moet je heel veel overwinnen. Zullen ze je niet als mietje zien? Angst voor het negatieve beeld dat mannen in het algemeen vaak hebben van slachtoffers wordt versterkt. Kortom, het maatschappelijk verwachtingspatroon ten aanzien van mannen werkt veelal niet in het voordeel van het slachtoffer. Het is belangrijk om er het juiste moment voor te kiezen." De diverse - Nederlandstalige - bronnen die er zijn over dit probleem houden het er op dat tien á vijfentwintig procent van de meisjes ermee te maken krijgt, en vijf tot vijftien procent van de jongens. Zo houdt een boek van Ruard Ganzevoort het op zo'n tien procent (Reconstructies, 2001). Het rapport 'Huiselijk Geweld' van het ministerie van justitie gaat uit van 13 procent. De verschillen hangen samen met de wijze van definiëren en de onderzoeksmethode. De cijfers zijn in ieder geval lager als je je beperkt tot puur seksueel geweld en hoger als je er verbaal of communicatief geweld ook toe rekent. "Voor mij gaat het er in de gehanteerde definitie om dat incest een vorm van machtsmisbruik is, geen uit de hand gelopen seksueel spel, want dat laatste veronderstelt gelijkwaardigheid en dat is bij incest zeker niet het geval." De Lange is niet zo gelukkig met de verhalen die op internet terechtkomen, waarin daders met naam en toenaam genoemd worden en gevoelens van slachtoffers de vrije loop krijgen. Het is voor hem wel een schreeuw om hulp: 'bevestig mij in Godsnaam'. "De ervaring leert dat de omgeving daar vaak heel negatief op reageert. Mijn boek gaat een ingetogener weg, en is daarmee niet alleen voor de mannelijke slachtoffers zelf van belang, maar ook voor hulpverleners, vooral in het kerkelijke veld, omdat die er regelmatig mee te maken krijgen maar er niet altijd mee overweg kunnen." "Ik wil de dynamiek beschrijven van de gevolgen van het trauma en die van de overlevingsstrategie die een kind ontwikkelt: hoe ingewikkeld het is als je met je verleden aan de slag gaat. Als kind ben je niet bewust van wat je je laat gebeuren, maar als je als volwassene dat wel wordt dan kan je volledig in verwarring geraken, in een crisis zelfs. Slachtoffers, ook mannen, ontwikkelen vaak een negatief zelfbeeld. Dat wil je maskeren, er ontstaat ter compensatie een hang naar perfectionisme op gebied van studie, sport of muziek. Ik schat overigens de kans dat mannen seksueel misbruik verdringen hoger in dan die bij vrouwen. Onze cultuur bepaalt dat mannen zich niet moeten aanstellen; als man moet je seks juist lekker of stoer vinden. Als jongen heb je ook te maken met codes tussen mannen onderling. Jongens willen elkaar overtroeven, terreinwinst maken. Het feit dat je als jongen je ervaringen niet als negatief mag zien, weerhoudt jongens ervan naar buiten te treden. Dat is ook de reden dat wetenschappers denken dat er in werkelijkheid meer mannelijke slachtoffers zijn dan tot nu toe bekend. Dit beeld wordt versterkt door de ervaringen bij werkgroepen als Godsdienst en Incest. Daar komen weinig mannen op af. Zelf ben ik voorstander van gemengde groepen, juist ook om dat idee van de man in de rol van dader te doorbreken. Maar nogmaals: dit is voor een vent niet iets om mee te koop te lopen." Volgens De Lange heeft een godsdienstige achtergrond geen effect op het vóórkomen van incest, het kan wel effect hebben op het verwerkingsproces. "Godsdienst werkt belemmerend om je verhaal te kunnen vertellen. De omgeving weert het verhaal nogal eens af door het te zien als opstand tegen je ouders; je moet immers je vader en moeder eren. Niet zelden ook ziet men het als opstand tegen God. Met name in behoudende kringen zijn de circuits daaromtrent vrij strak. In de tweede plaats werkt een traditioneel bepaald godsbeeld soms mee aan een negatief zelfbeeld, waardoor je opgescheept raakt met een groter schuldgevoel, dat buiten de religieuze sfeer niet zo makkelijk te verteren is. Religie kan in dit verband ballast zijn. Het hangt ervan af welke rol godsdienst en het godsbeeld in het leven van het slachtoffer speelt. De cijfers zeggen overigens niets over een verband tussen incest en de religieuze overtuiging, wat wel een poos is verondersteld met betrekking tot de reformatorische kringen, net zo min als depressie gekoppeld kan worden aan een bevindelijke geloofsovertuiging. Cijfers zeggen wél iets over een verband met een gesloten sociale context waarin het slachtoffer verkeert of heeft verkeerd." Het boek Duister baken van De Lange is geschreven als een drieluik. Het is te gebruiken als richtsnoer in plaats van het protocol dat naar aanleiding van het kerkelijke rapport Geschonden lichaam (1999) nog steeds moet verschijnen. Het middengedeelte bevat de langste teksten: waar krijgt een slachtoffer mee te maken dat aan de slag gaat met zijn trauma? Het linkerpaneel - dat in het boek in kaders is geplaatst - bestaat uit fragmentarische introspecties met emotioneel geladen woorden, beelden en droomfragmenten. Het derde luik vormt een theologische zoektocht naar bevrijding aan de hand van zeven bijbelverhalen: het scheppingsverhaal, de zondvloed, Abraham die uit Ur vertrekt, de uittocht uit Egypte, de genezing van de verlamde, de storm op het meer en een verschijningsverhaal van Jezus. De Lange zocht voor zijn boek liever naar bevrijdingsverhalen dan naar slachtofferstories. Er zijn er in dit verband niet zo veel van de laatste: het verhaal van Jozef als voorbeeld van een mannelijk slachtoffer; de geschiedenis van Tamar en haar halfbroer en een verhaal uit Richteren van de vrouw van een leviet voor vrouwelijke slachtoffers. Met Duister baken wil de schrijver, die ook werkzaam is als personal coach, niet alleen een dialoog aangaan met de bijbelse traditie om zo aan collega's en andere hulpverleners duidelijk maken wat er in slachtoffers van seksueel geweld omgaat. Hij stelt ook dat bevrijding niet vanzelfsprekend is en om deskundige begeleiding vraagt. "Als ik kijk naar het Exodusverhaal dan valt op dat het zo lang duurt voordat het volk in de gaten heeft dat het slachtoffer is van onderdrukking. Dat is ook kenmerkend voor een incestsituatie. Er is vaak sprake van een ingewikkeld soort wederzijdse afhankelijkheid en goedkeuring. Ik denk in dit verband aan Marc Dutroux die gekust werd door zijn slachtoffers omdat ze dachten dat hij hen bevrijd had. Wat ik enerzijds de slachtoffers wil meegeven is dat er altijd een kans is om er uit te komen. De vraag is anderzijds: ben je bereid om uit een gesloten systeem te stappen? Heb je het lef om jezelf te bevrijden of te laten bevrijden? Uit ervaring weet ik dat je dat niet vanzelfsprekend alleen lukt. Er is namelijk ook een andere kant: als je hiervoor kiest dan verlies je ook iets: de mythe van de geborgenheid, van de onschuld wellicht." 'Duister baken' (80 pagina's) van Nico de Lange is een uitgave van Narratio: ISBN 90 5263 268 5, het kost 9 euro. Bestellen? >>

 

Honger stillen met een snoepje 8 januari 2005 – Nederlands Dagblad -- AMSTERDAM - Seksverslaving is onder christenen een groot probleem. Bij Different (de voormalige EHAH) in Amsterdam gaat veertig procent van de hulpvragen over seksverslaving. Onlangs begon stichting De Driehoek in Amersfoort met hulp aan seksverslaafden. Ruwe schattingen geven volgens de organisatie aan dat vijftig procent van de christenmannen verslaafd is of was aan seks. De computer op zijn werk stond in een apart kantoor. Alex (36) hoefde er voor zijn werk niet veel achter te zitten. Toch ging hij elke minuut die hij beschikbaar had naar het kamertje. Niet om de administratie te doen, maar om pornofilmpjes te downloaden. ,,Het had me compleet in de greep. Ik had er geen controle meer over. Iedere minuut gebruikte ik om die beelden in me op te slaan.'' In de puberteit was Alex al verslaafd aan zelfbevrediging. Hij kreeg een vriendin en vertelde het haar. Zij dacht dat het met het huwelijk wel zou afnemen. Maar het probleem bleef, vooral toen internet een hoge vlucht nam. Om zichzelf te beschermen, nam hij thuis al snel filternet. Thuis kon hij dan veilig surfen, op zijn werk liep het anders. Daar was open internet. ,,Ik kon daar gewoon mijn gang gaan. Omdat de computer in een apart kantoortje stond, waren er bijna nooit collega's. Ik zorgde er ook voor dat ik altijd kon zien als er iemand aan kwam. Soms typte ik een briefje dat ik snel kon oproepen als er iemand langs zou komen. Ik werd heel geraffineerd. Natuurlijk zorgde ik ervoor dat ik de geschiedenis van het internetgebruik iedere keer uitwiste.'' Op internet zocht hij seksfoto's en filmpjes. ,,Ik zocht steeds naar heftiger beelden. Plaatjes alleen vond ik al snel niet meer genoeg. Toen werden het filmpjes van 10 seconden, later langere filmpjes van 30 seconden. Dan zette ik ze in de repeat-stand. Het pakte me compleet. Ik kon er niet mee stoppen. Iedere keer wilde ik meer, meer, meer.'' Fantasie: Zijn verslaving beheerste zijn hele leven en zijn huwelijk. Op straat kon hij geen aantrekkelijke vrouw meer zien, zonder zich direct af te vragen hoe het met haar in bed zou zijn. ,,In mijn hoofd draaide alles om seks. Elke keer als ik met mijn vrouw naar bed ging, had ik mijn eigen fantasie. De beelden die ik overdag had gezien, zaten in mijn hoofd. In gedachten deed ik het met een andere vrouw. Bovendien: als je jezelf overdag al hebt bevredigd, heb je 's avonds minder behoefte om nog eens te vrijen. Mijn vrouw merkte het op een gegeven moment. Toen ze het hoorde, barstte de bom. Door mijn verslaving werd ik in mijn relatie met mijn vrouw geremd. Op die filmpjes is seks volmaakt. Alles gaat daar geweldig, terwijl seksualiteit in het huwelijk iets kwetsbaars is. Het gaat niet zomaar goed.'' Toen Alex zijn probleem na anderhalf jaar tegen zijn vrouw vertelde, zocht hij direct hulp. Hij wilde van zijn probleem af. ,,Ik begaf me zo in een kramp. Als christen voelde ik me schuldig, omdat ik constant faalde. De boze wist daar handig op in te spelen, door te zeggen: zie je wel, het lukt je niet. Doe het nog maar een keer. Ik wist wel dat ik iedere keer bij God mocht terugkomen, maar ik schaamde me toch.'' Alex kwam bij Different-hulpverlener Cees de Meer terecht. ,,Toen ik daar het eerste intakegesprek had, barstte ik in huilen uit. Hier hoor ik, dacht ik. Er zat zoveel stress en pijn in me. Het luchtte me enorm op dat ik erover kon praten. Ik leerde dat het met seksverslaving is alsof je honger wilt stillen door het nemen van snoepjes. Iedere keer neem je iets lekkers als je honger hebt, maar je raakt niet verzadigd. Ik werd iedere keer gedwongen mijn honger te stillen met beelden. Maar het moesten er telkens meer zijn.'' Alex leerde van zijn dwangmatig handelen af te komen. ,,Iedere keer als er een storm in mijn hoofd op komt, moet ik gaan zitten. Niet meteen gaan bidden in paniek, maar eerst tot rust komen. Als de storm voorbij is geraasd, bid ik. Ik heb ook geleerd er geen drama van te maken. Als ik op internet zit, probeer ik heel bewust naar andere sites te gaan, hobbysites, of nieuwssites. Als ik het er heel moeilijk mee heb, mag ik bellen naar Cees. Hij zegt dan vaak: ga even wandelen, tel de bloemetjes. De frustratie moet ik op die manier kwijt. De beelden die ik in mijn hoofd had, zijn aan het slijten. Ik sta nu negen maanden droog.'' Nieuwsgierigheid: Alex kan niet begrijpen dat zoveel christenen gewoon open internet hebben. Hij denkt dat er heel veel mannen met hetzelfde probleem lopen. ,,Ik geloof er niet in als mensen zeggen: ik heb mezelf wel in de hand. Leugens. Je nieuwsgierigheid is zo snel gewekt en voor je het weet, wil je meer.'' Volgens Alex moet je erkennen dat je zwak bent, als je met seksverslaving te maken hebt. ,,Probeer er niet zelf van af te komen. Dat lukt je niet. Maak het wel bespreekbaar met je vrouw en met vrienden. Wees open. En probeer als partner ook niet als een ketter tekeer te gaan als je ervan hoort. Misschien zit er meer achter het probleem. Met hulp en gebed kun je ervan af komen.'' Om privacyredenen is de naam Alex gefingeerd.

Lees ook het artikel Hulp voor seksverslaafde christenman van 17 december 2004 “Christenmannen kunnen vanaf 1 januari met hun problemen terecht bij hulpverleningsinstelling De Driehoek in Amersfoort…” in onze nieuwsrubriek NIEUWS GEZONDHEIDSZORG (archief, 2004).

 

Hoop -- 7 januari 2005 – Katholiek Nieuwsblad -- Ondanks de tragedies en de grote zorgen waarmee wij het nieuwe jaar zijn ingegaan, gloort er hoop aan de kim van 2005. Hoop in de zin van een klimaatsverandering zoals het afgelopen jaar in de VS zichtbaar is geworden. Volgens USA Today was 2004 een jaar waarin 'waarden' een krachtige rol gingen spelen. Plotseling konden katholieke pro-abortuspolitici niet zomaar meer te communie, mensen kwamen heftig in verzet tegen het homohuwelijk, tegen het schrappen van Gods naam uit de eed van trouw, de episcopaalse Kerk dreigt te scheuren door het conflict over de bisschopswijding van een (praktiserend) homoseksuele priester. De pro-abortusbeweging ziet haar einde naderen en de democraten overwegen na hun verkiezingsnederlaag een religieuzere - en meer pro-life koers. En last but not least moest het oppermachtige Hollywood door het stof wegens het onmogelijk geachte succes van The Passion of the Christ van de gelovige Einzelgänger Mel Gibson. Hollywood dat, meestal onopgemerkt, een eenzijdig liberale levensvisie dicteert. Volstrekte a-religiositeit, echtscheiding en vluchtige relaties zijn de normen die zelfs romantische en familiefilms vrijwel volledig domineren. Rode draad door dit alles is het klaarblijkelijke 'basta' tegen de vanzelfsprekendheid waarmee waarden worden uitgehold. Die beweging is mogelijk een reactie, een 'ontwaken' van de christenen die steeds vaker geconfronteerd worden met een rigoureuze scheiding van Kerk en staat, met de groeiende bijklank dat religie een bedreiging vormt voor de staat. Een reactie ook op de aantasting van fundamentele waarden. Mogelijk is het tevens een reactie op de onthutsende misbruikschandalen die de katholieke Kerk treffen en die schreeuwen om waarachtigheid van de kerkelijke leiders. In ons land begint zich ook iets van religieus 'verzet' af te tekenen. Mensen kijken gewoon naar Knevel en naar 'BN'er zoekt God'. Henny Huisman durft een jaar na zijn bekering nog steeds enthousiast voor zijn geloof uit te komen en zelfs Privé-chef Wilma Nanninga doet dat, met mitsen en maren, voor de camera. Niet omdat het in is, maar omdat men geloof ervaart en dat los kan doen van enig kerkelijk verband. Kerken vindt men te onwaarachtig, kil, bureaucratisch, wettisch, rationeel. Het zijn 'toevallig' dezelfde verwijten die verscholen liggen in het electorale succes van Pim Fortuyn. Mensen snakken naar oprechtheid, betrokkenheid, dat het over hén gaat, over hún levensperspectief. Of dat nu kerkelijk is of politiek. Tegelijkertijd dwingt de steeds nadrukkelijkere confrontatie met de islam enerzijds en de als 'recht' geclaimde verplatting anderzijds tot bezinning. Als gelovige realiseer je je dat Christus het antwoord is op deze breder wordende intuïtieve hunkering. Het is aan de christenen het Antwoord handen en voeten te geven.

 

www.misbruikdoorhulpverleners.nl